| Week 30 -2005 In de bioscoop, halverwege de film, hoor ik Marion tegen me zeggen: "Je bent precies als die man." Ze zegt dat op het moment dat de hoofdpersoon tijdens een etentje in zijn enthousiasme maar doorpraat over wat hij belangrijk vindt. Zijn echtgenote en de twee gasten proberen nog af en toe het gesprek op een ander onderwerp te brengen, maar het is tevergeefs. De man heeft een taak. Hij moet de aanwezigen van iets overtuigen en strijdt tegen onwetendheid en vooral onverschilligheid. Er is geen tijd om naar anderen te luisteren en zonder enige poging te doen om beleefd aandacht te schenken aan wat zijn tafelgenoten willen vertellen, hervat hij telkens weer zijn betoog. Hij is gewoon nog niet klaar met zijn verhaal. De film gaat over Alfred Kinsey, die als eerste de menselijke seksualiteit in kaart bracht als een groot biologieproject. Al vrij snel na het begin van de film had ik aspecten van mezelf in Kinsey herkend en gedurende de film werd dat steeds sterker. De neiging om alle menselijk gedrag te zien als uiting van onvermijdelijke fysiologische wetten; mensen die gedreven worden door hormonale impulsen en daar op de meest uiteen lopende wijzen uiting aan geven, afhankelijk van cultuur en persoonlijke omstandigheden; het ontzag en de liefde daarvoor leidend tot absoluut respect en tolerantie; het besef dat niet alles wat mensen op seksueel gebied doen goed is, maar wel altijd begrijpelijk. Maar er was meer dan alleen de fascinatie met seksueel gedrag die ik herkende. De behoefte om dat wat voor veel mensen misschien vanzelfsprekend is in woorden te vatten en om andere woorden uit te dagen, weg te drukken, aan te klagen. Want wij geloven in onze interpretatie van wat we zien en verdedigen die tot de dood. De naïeve oprechtheid, waardoor mensen ook bereid zijn hun verhaal te vertellen, waarbij we eindelijk even stil zijn omdat we weten dat we het nodig hebben in onze grote beschrijving van hoe het allemaal echt in elkaar zit. Ook het enthousiasme om anderen voor te gaan in het verzamelen van gegevens en de verhalen van mensen, waardoor zichtbaar wordt wat er werkelijk aan de hand is. 'Visualizing the lived realities', noem ik het als ik mensen train. En we hebben die werkelijkheden, die verhalen nodig om de planners, de droge wetenschappers en politici die vanuit een theorie bedacht hebben hoe de mens zich gedraagt en daar statistiek bij zoeken, tegen te spreken. Want als zij van de onverschilligen gelijk krijgen, dan leven we in een vreselijke wereld. Dat alles zag ik in die film over Kinsey en ik dacht maar al te vaak dat ik wel heel veel op hem lijk. Zelfs op de momenten dat het niet prettig was. Mijn levensloop is heel anders dan die van Kinsey. Ik ben geen bioloog die zijn hele leven geeft aan het onderzoek van de menselijke seksualiteit. Dat ik daar toch deels mee bezig ben is zowel toeval als een mogelijkheid om mijn ongeremde interesse in het onderwerp een kans te geven. Maar als ik mezelf met Kinsey vergelijk is die interesse in seksualiteit eigenlijk een bijkomstigheid. Het is natuurlijk wel heel typisch en daardoor misschien toch niet helemaal toeval dat de levenslust in combinatie met een biologische of medische opleiding leidt tot belangstelling in wat mensen werkelijk drijft en waar ze de meeste gedachten aan besteden, maar wat ik vooral herken is de systematische strijd tegen de dictatuur van de gemakzucht van vanzelfsprekende woorden. Het is overigens vreselijk over je eigen leven in termen als 'strijd' en 'tot de dood verdedigen' te schrijven. Het is geen oorlog, maar ik kan niet ontkennen dat ik zelden schrijf om mensen te vermaken. Ik hanteer mijn pen als een zwaard in een kruistocht om te laten zien dat het anders is dan ons wordt voorgehouden. Laat ik eerlijk zijn: ik heb weinig op met de mensen die schrijven om te laten zien dat ze slimmer zijn dan anderen, die alleen krulletjes draaien op papier om te tonen dat ze dat mooier doen dan wie dan ook. Je schrijft omdat je iets te zeggen hebt. Ik herken de gedrevenheid van Kinsey om mijn vingers in de spleten te zetten van het pleisterwerk van de mooie woorden van zedenpredikers en gladpoetsers die denken dat als ze maar lang genoeg doorgaan met hun praatjes iedereen in slaap valt in de overtuiging dat het leven inderdaad zo kleurloos en zonder passie is als ze het ons voor doen komen. Die façade moet opengescheurd worden met zinnen die de realiteit een gezicht geven. Daarom schrijf ik over medicijnen omdat ik weet dat het zo'n saai onderwerp is dat alleen de mensen die veel belangen op dat gebied hebben ervoor zorgen dat zij ons kunnen laten geloven dat hun versie van de wereld de enige echte wetenschappelijke is. Dan slikken we wat we niet nodig hebben en lopen we risico's om de aandeelhouders van het bedrijf dat ons de pillen levert gelukkig te maken. Daarom moet ik tijdens etentjes mijn verhaal daarover afmaken. Daarom doe ik ook zonder terughoudendheid mee met Marion in haar actie voor asielzoekers om te helpen zichtbaar te maken wat er werkelijk gebeurt als ze uitgeprocedeerd zijn en nergens meer naartoe kunnen. Ze belanden op straat, zonder enige steun en zonder het recht voor zichzelf te zorgen terwijl terugkeer naar het land vanwaar ze ooit vertrokken een sprookje is dat politici en ambtenaren ons proberen voor te zetten uit politiek gewin. Daarom ook heb ik het netwerk opgezet dat onderzoek doet naar aids en migranten in Azië. Het zijn namelijk niet alleen maar goedkope arbeidskrachten, maar ook mensen met seksuele verlangens. Ze wachten niet vijf jaar tot hun arbeidscontract is afgelopen en ze weer naar huis en hun geliefden terug kunnen keren om dan ook nog eens met hun seksuele leven bezig te zijn. Nee, ze neuken, iets wat beleidsmakers niet willen weten. Omdat migranten ook geen toegang tot goede informatie en zorg hebben, neuken ze bovendien riskant. Die realiteit moet worden gevisualiseerd als je iets wilt doen om de epidemie echt te stoppen. Marion had zo gelijk toen ze zei dat ik 'op die man' lijk en ook het moment dat ze het deed was heel juist gekozen. Natuurlijk heb ik geleerd om beleefd te zijn en ook te luisteren naar mensen die over hun tweede huis in Frankrijk vertellen, maar Marion kent me en weet dat ik altijd popel om mijn verhaal af te maken. Het voordeel van een stukje schrijven is dat je je minder zorgen hoeft te maken over je tafelgenoten. Je mag je laten leiden door je enthousiasme of je lezers het nu helemaal uitlezen of niet. Terug |