Week 43 -2005
Mannen met kanker die getrouwd zijn leven langer dan ongetrouwde mannen met de zelfde aandoening. Kan de vrouw in het ziekenfondspakket?
Helaas, andersom geldt niet het zelfde. Vrouwen die borstkanker hebben en ook een echtgenoot, leven geen dag langer dan hun ongehuwde lotgenoten. De man is dus aanzienlijk minder nuttig. Wat moet je met een kerel in huis?
Dat het leven van vrouwen echter ook heel aangenaam kan zijn, begreep ik onlangs toen ik bij een eethuis was om Indonesische gerechten af te halen. Het duurde even voor alles gereed was en ik bekeek lusteloos een stapel tijdschriften waarvan je je afvraagt waarom iemand de moeite neemt ze te drukken. Juist toen ik neerslachtig dreigde te worden door sombere gedachten over de zin van de uitvinding van de boekdrukkunst, viel mijn blik op de kop 'klaarkomen voor gevorderden'. Het stond in Red, een damesblad. Al snel werd ik jaloers op de schier eindeloze mogelijkheden die vrouwen volgens de verslaggeefster van genoemde periodiek blijken te hebben. Zij hebben de clitoris, de G-plek en de J-plek. Laat ik nu altijd gedacht hebben dat het, op de eerste na, toch vooral vage aanduidingen op de landkaart van de intieme vrouwendelen zijn. Vergelijkbaar met Arcadië, Xanadu, Shangri-la of Paape Jansland. Probeer die maar eens in de Bosatlas te vinden. Tot mijn verbazing las ik in de reportage ook nog over het verschil tussen de topclimax en het dalorgasme. Het intrigerende lied "I need a man with a slow hand" van de Pointer Sisters leek de schrijfster als academische bron te hebben gediend voor een mooi stuk pseudo-wetenschap. Wat is het dan toch allemaal eenzijdig en beperkt bij de heren der schepping.
"Uw bestelling is klaar," zei de vriendelijke jongen die mijn tempeh goreng kering, sajur lodeh, udang goreng peteh en nasi kuning in witte plastic bakjes had gedaan.
Op weg naar huis vroeg ik mij af of er nog dingen zijn op het gebied van de seksualiteit die ik snel moet ontdekken voordat een arts het nodig vindt mij medicijnen voor te schrijven die het licht van de lust voor goed bij me uitdraaien. Mijn jaren overziend vermoed ik dat ik alles onderzocht heb op het moment dat het zich bij me aandiende en me boeiend genoeg leek om nader te bestuderen. Het woord 'alles' in de vorige zin suggereert een ongelimiteerde oceaan aan mogelijkheden, maar er zijn natuurlijk wel degelijk grenzen. Iets met kinderen of dieren is bijvoorbeeld onmogelijk en zo zijn er meer potentiele seksuele handelingen die nooit in de handleiding van mijn voorstellingsvermogen zijn opgenomen. Ik was dan ook diep geschokt toen ik in 'Little Wilson and big God', het eerste deel van de autobiografie van één van mijn idolen, Anthony Burgess, las dat hij ergens in Maleisië de liefde bedreven had op een tikar, een rieten matje, met een meisje van twaalf. Nooit meer heb ik nog iets van hem willen lezen, hoewel ik zijn 'Malaysian Trilogy', een boek uit de jaren vijftig, nog altijd heel enthousiast kan aanbevelen aan mensen die naar dat deel van de wereld reizen.
Emotionele steun schijnt erg belangrijk te zijn voor mensen met kanker. Ze moeten telkens weer de energie opbrengen om naar de artsencontroles te gaan, hun bloed te laten onderzoeken, aan behandelingen mee te werken, zich te wapenen tegen valse hoop, teleurstellingen te accepteren. Jammer, dat vrouwen dan niets aan hun man hebben. Die is waarschijnlijk alleen in haar Paape Jansland geïnteresseerd en weet zelfs als de chemokuur begint bij een massage tegen de stress zijn te snelle handen niet van de plaatsen weg te houden waar zijn vrouw ze gewoon even niet meer wil.
Volgende week zit ik bij mijn uroloog en ik denk regelmatig aan het gesprek dat we zullen voeren. Krijg ik er nog drie maanden bij - tot de volgende controle - om het gewone mannenleven te leiden dat me steeds meer bevalt? Of is het voorbij?
Marion vindt me de laatste dagen wat gespannen en stelt voor dat we een wandeling maken. Tijdens het lopen praat je gemakkelijker over allerlei dingen die je anders veilig in je hoofd bewaart. Bij de invallende schemering in het bos vertel ik haar over jaloerse mensen op de universiteit die nog nooit iets imposants in hun leven gedaan hebben en nu het werk dat we met vijf medewerkers hebben opgebouwd willen overnemen, bezitten en me zelfs het recht willen ontnemen mijn eigen geld uit te geven en werknemers in dienst te nemen. Het zit me dwars dat ik met zulke mensen moet werken, rekening met ze moet houden.
"Je wilde toch zelf zo nodig bij die universiteit werken," zegt ze.
Het was ijdelheid omdat ik het interessant vond mezelf professor te noemen, maar dat vertel ik haar niet. Dat kan ik overigens zo opgeven, maar dat ik inmiddels erg van dat werk ben gaan houden, maakt het moeilijk niet op te komen voor wat rechtvaardig is. Als ik niet bang ben voor kanker en dood, zou ik dan wel uit mijn evenwicht te brengen zijn door de kinderachtige spelletjes van mensen die bij elke mail die ze me sturen meer mijn respect verliezen? Nee, waar ik nerveus over ben is of ik na volgende week nog wakker word met een onbedwingbaar verlangen, of de wereld wel zijn opwindende geile kleuren behoudt.
"Marion," zeg ik. "Pas las ik een artikel in een damesblad dat Red heet en dat ging over de G-plek en de J-plek. Zou jij die bij jezelf aan kunnen wijzen? En een dalorgasme, wat is dat eigenlijk?"
Ze lacht een beetje spottend. Toen ze nog psychologie studeerde en opgeleid werd in de psychotherapie heeft ze zich toegelegd op de behandeling van mensen met seksuele moeilijkheden. Vrienden en vreemden, vooral mannen, vertellen Marion graag over hun relatieproblemen en ze geeft ze onbetaald advies. Zo staat me altijd helder haar remedie voor de geest voor mannen die te snel klaar komen. De hele dag met ontblote eikel zonder ondergoed in de spijkerbroek opdat die een beetje gehard raakt.
"We hebben alles gedaan. De Red kan ons niets meer leren," zegt ze.



Terug