| Week 48 -2005 Het is moeilijk met complimenten om te gaan. Hoe moet je reageren als mensen iets aardigs over je uiterlijk of werk zeggen? Instemmend knikken? Bagatelliseren? Helemaal geen reactie vertonen? Een grap maken? Dat geldt helemaal als het om een blijk van waardering over lichaamsdelen gaat die je helemaal niet kunt zien, want dat is toch wel het laatste waar je aardige woorden over verwacht. "Mooi zacht," zei mijn Iranese arts. "Twee centimeter in diameter. Geen harde randen. De kwabben liggen ook prachtig naast elkaar." Vervolgens haalde hij zijn vinger uit mijn anus, deed de lichtblauwe latex handschoenen uit, wierp die in de afvalbak, gaf mij een stapel tissue om mijn billen glijmiddelvrij te maken en liep terug naar zijn bureau. Goh, iemand vindt mijn prostaat mooi. Wie krijgt er in hemelsnaam wel eens zo'n onverwacht compliment? Ik ben er nog blij mee ook. Daar drink ik met Marion 's avonds bij het eten een extra glas wijn op. De laatste keer dat ik hem zag heb ik foto's van Homan genomen voor mijn presentatie op een congres. Hij informeert hoe het verlopen is. Onmiddellijk excuseer ik me voor het feit dat ik geen afdrukken van de foto's heb meegebracht. "Ik ben ook zo druk," leg ik uit. "Mijn vrouw en ik zijn met een aangifte tegen de ministers bezig. Dat is veel en veel meer werk dan we ooit konden vermoeden. Ik stuur ze nog wel." Homan heeft erover in de krant gelezen. "Deze ministers weten niet wat ze doen," zegt hij. "Ze ronselen voor Bin Laden. Daag mensen uit en kleineer ze en ze doen precies waar je bang voor bent. Neem mensen serieus en betrek ze in het gesprek, dan geef je ze respect en dan werken ze mee. Ik weet het. Ik ben niet voor niets uit Iran weggevlucht." "Ja, ze zijn dom," beaam ik. "De mensen die ze kiezen zijn dom," verbetert hij me. "Overal ter wereld kiezen ze momenteel van die conservatieve volksmenners, die met harde woorden gemakkelijke oplossingen beloven. Moet je nu eens zien wat voor dolle ayatollah ze in Iran gekozen hebben. Maar daar kunnen ze zich in ieder geval verontschuldigen door erop te wijzen dat vijfennegentig procent van de bevolking analfabeet is. Ze weten niet wat ze doen. Met een dergelijk excuus hoef je in Nederland niet aan te komen. Hier kan iedereen lezen en is de pers vrij om te zeggen en schrijven wat ze ziet." Voor wat mijn gezondheid betreft beschouw ik deze controles als weinig zinvol. Ik heb het gevoel dat ik uitsluitend bijdraag aan een bestand waarin de gegevens van mensen die bestraald zijn belanden. Zes dingen worden vastgelegd. Het antwoord op de vraag hoe het gaat. Hoe voelt de prostaat aan? Hoe gaat het met het plassen? Hoe gaat het met de ontlasting? Krijgt u nog wel een erectie? En zijn er nog bijzonderheden? Op een dag legt iemand alle gegevens uit de computer naast elkaar en concludeert dat vijf jaar na de bestraling nog zestig procent van de mannen in leven is dat hun prostaten vaak harde randjes hebben, dat ze lekker poepen en plassen, maar dat de erecties er erg onder te lijden hebben gehad. Het interessante is ook dat de uroloog en de bestralingsarts onderling geen contact over mij hebben. De een waakt over mijn hormonen en de ander over mijn prostaat. Aan Homan vertel ik hoe hoog de psa is, want Jeroen de uroloog laat die vast stellen. En aan Jeroen vertel ik hoe de prostaat aanvoelt, want daar stelt Homan zich weer van op de hoogte. Zonder mij zou het mis gaan. Als ik er niet was, wat moest er dan met de zorg in Nederland gebeuren? Thuisgekomen wordt Marion door iemand geïnterviewd. Zij moet de pers goed uitleggen waar het in de aangifte tegen de ministers om gaat. Intussen zit ik achter de computer en probeer een plan uit te werken waarbij de honderden vrijwilligers die zich gemeld hebben op een zinvolle wijze in te zetten zijn. We eten laat en ik vergeet bijna te vertellen dat mijn prostaat zo mooi zacht aanvoelt. "O ja," zegt Marion. "Je was voor controle." Wij vergeten alles omdat we zo druk zijn. Na het eten moeten er weer zo veel mails beantwoord worden. Om half één ga ik vermoeid naar bed en val snel in slaap. Marion komt een paar uur later. Ze is 's nachts beter in vorm dan vroeg in de ochtend. Daardoor lopen we een beetje uit de pas wat levensritme betreft. Zolang we geen aangifte wegens dood door nalatigheid hoeven doen valt daar wel mee om te gaan. Maar omdat we nu extreem druk zijn vergeten we meer dan ons lief is. 's Middags bij Homan werd ik daar heel even mee geconfronteerd toen hij zijn vertrouwde rijtje vragen stelde. "Hoe vaak moet je er 's nachts uit om te plassen?" "Pas 's ochtends als ik wakker word." "Ontlasting?" "Hinderlijk bij het hard lopen. Verder geen probleem." "En de erectie zeker niets meer?" Er kwam een golf verontwaardiging bij me op. "Gaat fantastisch! Elke dag begint al met een ochtenderectie en ik heb er altijd wel zin in." Ik steek daarbij nog enthousiast mijn duim op alsof ik zwemkampioene Inge zelf ben. Het ontbreekt er nog maar aan dat ik er niet "Toppiejoppie" aan toevoeg. Het mag dan allemaal goed functioneren, tijd om het voldoende te gebruiken ontbreekt echter door onze actie. Hopelijk is er nog een heel klein beetje eerlijkheid in de wereld en hebben mevrouw Verdonk en mijnheer Donner ook geen tijd voor zulke dingen. Terug |