Week 08 -2006
De man was vijfentachtig en schepte ongegeneerd op over zijn kleinkinderen. De een was directeur van een groot Nederlands bedrijf, de ander was chirurg en de derde was correspondent in de Verenigde Staten. Zijn kleindochters waren stuk voor stuk uitstekend getrouwd. Betere partij was er niet te vinden. Toen hij door kreeg dat Marion en ik in kunst geïnteresseerd waren, bleek hij ook nog een kleinzoon te hebben die graficus was.
"Die is schijnbaar zo briljant," zei hij. "Dat ze hem onlangs weggekocht hebben bij het bedrijf waar hij werkte .Vierentwintig pas."
Het leek of hij met zijn andere familieleden weinig op had. Over zijn broer zei hij: "Dat is zo'n rotkerel. Die deugt helemaal niet. Gelukkig heb ik hem sinds mijn vader overleed nooit meer gezien. Dat is nu twintig jaar geleden."
Aan hem moest ik denken toen ik deze week een onderzoek in het Journal of Health and Social Behavior las waarin men concludeert dat mensen met kinderen gemiddeld vaker last van depressies hebben dan mensen zonder. Het geldt voor zowel mannen als vrouwen. Het is zelfs het geval als de kinderen al het ouderlijk huis verlaten hebben. Ook als de kinderen geadopteerd zijn blijkt het op te gaan en stiefouders treft dit vreselijke lot eveneens. Kortom, kinderen hebben is een ramp. Ze maken je gek, kosten je handen vol geld, verstoren de relatie met je geliefde, hebben altijd aandacht nodig ook als je zelf te weinig krijgt, en juist als je erg veel van ze houdt zit je altijd vol met zorgen, kun je ze nooit echt loslaten en gunnen ze je geen rust meer. Vergeet maar dat kinderen hebben zo geweldig is. Ze zuigen je leeg, gebruiken je creditkaart en maken je te schande op de meest ongelegen momenten. Het scheelt veel kosten aan Prozac en Seroxat als je gewoon besluit nooit kinderen te nemen en je op je hobby's te richten. Kinderen zijn leuk voor opa en oma, maar niet voor hun ouders.
Nooit heb ik over onze zoon hoeven klagen. Hij was altijd gehoorzaam, huilde zelden, at zijn bord leeg, maakte uit zichzelf zijn huiswerk, en als hij al iets deed dat niet door de beugel kon, wist hij het zo goed geheim te houden dat we de antidepressiva konden laten staan. Pas na zijn zestiende, toen de hormonen zijn goedmoedige karakter begonnen te verstoren, gaf hij soms reden tot enige bezorgdheid. Vooral toen hij besloot te roken en op Thai boksen te gaan, dagen lang met zijn vuisten op een washandje dat hij op de muur van zijn kamer gespijkerd had sloeg om eeltige knokkels te krijgen en thuis kwam met een gebroken neus of een ontzet sleutelbeen, zagen we in dat het gedrag van kinderen toch ook een reden tot zorg kan zijn. Toen hij nog maar een paar maanden oud was had hij een ernstige hartziekte, maar we hadden er altijd op vertrouwd dat het helemaal in orde zou komen. Zijn schijnbare pogingen tot zelfvernietiging waren ons echter teveel. Misschien kwam het door mijn zoon's naam en had ik beter moeten luisteren naar de tekst van het liedje van Johnny Cash, A boy named Sue. Kaja is een naam die twijfels op kan roepen over het geslacht. Na een paar jaar was het echter weer voorbij en het is nooit zo erg geworden dat ik een psychiater moest bezoeken teneinde me van de ouderlijke neerslachtigheid te laten genezen.
Toch is er iets onhandigs bij vaders en zonen. Voor mij was het een schok in mijn vaders boekenkast de boeken van Jan Wolkers tegen te komen met een boekenlegger bij de meest erotische passages. Maar ik moet natuurlijk bekennen dat ik zelf op zoek was naar 'vieze boeken' en had al eerder Lolita van Nabakov gevonden. Dat boek was echter bij lange na niet zo expliciet als de beschrijvingen van Wolkers. Het was ongemakkelijk om te ontdekken dat mijn vader en ik door dezelfde dingen opgewonden raakten. Nadat hij een hartinfarct gehad had, in het ziekenhuis lag en iemand van zijn werk de auto van de zaak op zou komen halen, vroeg mijn vader me om nog even vlug uit het dashboardkastje een pornotijdschrift te halen en weg te gooien. Hoe moeilijk moet het voor hem geweest zijn dat te vragen, maar wat moest hij anders? Hij kon zijn verzoek maar beter tot mij richten, want hij had natuurlijk al lang ontdekt hoe ik op hem leek. Nu pas, weet ik dat het tot de mooiste herinneringen aan mijn vader behoort. Ik deed het blad in een oude krant, reed naar het centrum van de stad en gooide het in een anonieme vuilnisbak, ver weg van het ouderlijk huis, zodat er nooit een spoor terug naar mijn vader zou leiden.
Ik wil niet weten wat mijn zoon van mij heeft ontdekt, waar hij me doorzag omdat hij zichzelf in mij herkende. Er is een grens die ik niet wil passeren. En als ik wel eens iets van mezelf in hem zie wat me niet bevalt, negeer ik het. Soms zie ik wel hoe mijn kleindochter op hem lijkt. De bereidwilligheid te lachen naar iedereen. Ik denk dat kleinkinderen vooral bedoeld zijn voor hun grootouders en dat ze ook gemaakt worden omdat kinderen de druk van hun ouders voelen toch vooral nageslacht te produceren, want grootouders hebben ze nodig.
De man die zo trots op zijn kleinkinderen was, vertelde en passant ook heel even dat hij in Indië was geweest.
"Politionele acties?" informeerde ik.
Hij knikte.
"Waar?"
"De aanval op Yogja," zei hij.
"Wat is uw vervelendste herinnering?" vroeg ik.
"Daar wil ik niet over praten," zei hij.
"Met mij toch wel," drong ik aan. "U ziet me toch nooit meer. Dus u kunt het veilig aan me kwijt."
"Mijn gezicht," antwoordde hij. "Het hospitaal. Maanden lang gelegen voor het weer in orde was. Geweerkolf."
"Een ruzie of in de strijd?" wilde ik weten, maar hij keek me alleen aan alsof hij geen details meer wilde geven.
"En hoe is het met die ander afgelopen?"
"Wat denk je?" zei hij alleen maar.
"Die heeft u doodgeschoten."
Hij keek me een paar seconden aan, sloot zijn ogen, bracht zijn gezicht omlaag en knikte.
"Ik heb het zelfs nog nooit aan mijn kinderen verteld," zei hij. "Ik wil er niet aan denken. Het is onmogelijk erover te praten."
"Moet u ook aan uw kleinkinderen vertellen," zei ik. "Volgens mij begrijpen die het beter."
Een grootvader begint met liedjes voor ze te zingen, dan leest hij sprookjes voor en uiteindelijk biecht hij bij ze voor hij dood gaat over alles wat er in zijn leven gebeurd is op.



Terug