| Week 44 -2006 Penélope Cruz speelt in de film Volver een vrouw, wier moeder in een brand is omgekomen. Die moeder blijkt in de film echter helemaal niet dood te zijn en als haar dochter dat ontdekt, vraagt ze haar wat ze al die jaren gedaan heeft. 'Pasar tiempo muerte', antwoordt Penélope's moeder. De vertaler had het niet de moeite waard gevonden dat ook in de ondertiteling te vermelden. Letterlijk vertaald is het 'dode tijd doorbrengen'. Als de moeder dat inderdaad deed, had ze net zo goed dood kunnen zijn. Aan dode tijd heb je niets. Vanaf het moment dat ik hoorde dat ik kanker had is de belangrijkste verandering in mijn leven geweest dat ik wil dat ik alle tijd die me nog rest volop kan benutten. Het moet kwaliteitstijd zijn, wat dat ook moge zijn. Nooit meer wil ik de tijd doden of besteden aan dingen die mijn nog te verwachten weken, maanden, jaren niet waard zijn. Maar dat is niet zo eenvoudig. De anderen, zij die nog niet gehoord hebben dat ze ooit dood zullen gaan, en leven alsof ze de exclusieve rechten bezitten op een eeuwig bestaan, maken het me namelijk erg moeilijk. De anderen willen tijd van me en ik weet niet hoeveel ik er nog van heb. Het confronteert me met de vraag hoe asociaal ik me mag gedragen. Als ik in een vergadering zit en de gedachte voel opkomen dat het zonde van de tijd is, moet ik eigenlijk onmiddellijk opstaan en vertrekken. Ik ben echt wel zo beschaafd dat ik weet dat het niet al na een half uur kan. Iets langer. File rijden op weg naar huis na die vergadering is niet prettig, maar het valt mee. Het zijn je eigen gedachten waarmee je de tijd doorbrengt en ik ben niet gevangen in de plannen van anderen met mijn tijd. De paniek dat kostbare tijd me door de vingers glipt slaat vaker toe dan ik wil toegeven. Deze week bestond Health Action International vijfentwintig jaar. In het verleden heb ik regelmatig met ze gewerkt. Daarom was ik ook uitgenodigd voor de bijeenkomst die twee dagen zou duren. 'Daar ga ik niet naar toe', dacht ik. Dat zijn twee dagen van de rest van mijn leven die ik weg geef aan lezingen, waarvan de inhoud sneller tot me komt als ik het zelf lees. En het betekent ook veel gebabbel met mensen die ik een tijd niet heb gezien of half ken. Dus excuseerde ik me en antwoordde dat ik jammer genoeg naar het buitenland moest. Mijn tijd moet ik bewaren voor kwaliteitsbezigheden, maar het is niet altijd duidelijk wat het is. Waarschijnlijk is het belangrijkste dat ik zelf beslist heb hoe ik mijn tijd gebruik. Mira Shiva was uit India gekomen naar de bijeenkomst en had heel andere plannen. Al weken eerder stuurde ze mails waarin ze meldde dat ze zou komen. En ze moest ons zien. Ze had teveel goede herinneringen aan de tijd dat ze bij ons logeerde, liet ze ons weten. Aan het feit dat ze in ons huis voor het eerst in haar leven alcohol dronk. Ze zal toen een jaar of vijfendertig zijn geweest en ik neem aan dat ze daarna nooit meer een druppel heeft gedronken. Aan de earl grey thee die ze in ons huis voor het eerst dronk. Aan de theemuts die ze niet kende. We gaven haar er een mee naar New Delhi en ook een kaasschaaf. Nederlandse verworvenheden, die je een vrijgezelle Indiase arts, die zich inzet voor de kanslozen graag mee naar huis geeft. Met veel moeite maakten we een afspraak, want Marion en ik hadden eigenlijk niet veel tijd. De kleinkinderen komen logeren. Ik moet nog van alles schrijven. We hadden een conferentie georganiseerd over Asielbeleid en gezondheid, iets dat ook veel meer tijd kost dan ik vermoedde. Ook moest er gedebatteerd worden over het asielbeleid en veel herdacht. De elf doden van Schiphol Oost die geen tijd meer kregen en gevangen zaten in de politieke ambities van anderen. We vertrokken te laat, kwamen in de file en ik sms'te aan Mira dat we er niet precies half zeven konden zijn. Was kwart voor zeven ook goed? Wat is een kwartier voor mensen die in India wonen? Ze stuurde een bericht terug dat we haar bij de Rode Hoed af moesten halen. Even overwoog ik de restaurantreservering aan te passen, maar schatte in dat we het wel zouden redden. Zo kwam het dat ik toch nog onverwacht midden in de receptie van de jarige organisatie belandde. Mira is een kleine dikke vrouw, waar de sari net omheen kan. Ze draagt een grote donkere Nana Moskouribril, heeft inktvlekken op haar vingers, is regelmatig haar paspoort kwijt en laat alles vallen. Als ze een cadeautje geeft zit er een vlek op of er is een oortje af. Ze sjouwt met grote tassen vol boeken. Ze wil me op die receptie naar alle mensen die ik ken meenemen, want die hebben naar me gevraagd. Dat worden halve gesprekken over niets en daarom heb ik er geen zin in. Je kunt nooit meer de intensiteit van ooit terughalen toen we dachten dat de wereld te verbeteren viel en onze inspanningen verschil zouden maken voor mensen in dorpen waar armoede heerst. Als Mira ziet dat we niets willen drinken haalt ze zelf een glas kiwisap voor ons van het dienblad waar iemand mee rond gaat. Daarbij maait ze met haar sari drie glazen omver. Eindelijk komt ze mee, maar ze loopt niet zo snel. Te laat komen we in het restaurant en ons tafeltje is weggegeven. Er is alleen plaats in het deel waar gerookt mag worden. Het moet maar. Mira vertelt waarom ze Mira heet. Toen ze elf jaar was vond ze dat haar oorspronkelijke naam niet bij haar paste. Haar vader kon haar niets weigeren en stond toe dat ze haar naam veranderde. Mira is in het Krishnaverhaal de danseres die de overgave, de devotie verbeeldt. Afgewezen door de samenleving kon ze niet anders dan dansen alsof ze bidt, mediteert, zich overgeeft aan god. Zo voelde Mira zich blijkbaar, maar ik kan me niet voorstellen dat deze vijfenvijftigjarige arts die alleen maar heel hard werkt ooit heeft gedanst. Ze is hindu, maar is blij dat ze gehoord heeft dat Jezus toen hij was opgestaan verhuisd is naar Kasjmir om daar te mediteren. "Het maakt niet uit hoe je naar de hemel gaat," zegt ze. "Recht omhoog, of naar het Oosten, naar Kashmir. Het is in elk geval een geruststellend idee dat hij goed is terechtgekomen." "En jij zelf?" informeert Marion. Haar gezicht wordt verdrietig. Haar werk is haar leven, maar ze heeft een creepy baas en daardoor is ze niet meer gelukkig. De man is drie keer getrouwd, zijn tweede vrouw en zijn zoon hebben zelfmoord gepleegd. Iedereen op het werk probeert hij de ontslaan en hij heeft moderne ideeën. Nee Mira is niet blij. Ik weet zeker dat ze toen ze twintig jaar geleden bij ons logeerde ook al over die baas klaagde en dus haar leven verspild heeft op een verkeerde werkplek. "Ik heb nu geleerd meer tijd voor mezelf te nemen," zegt ze. "Ontbijten. Havermout en dan een gekookt ei. De ochtendkrant. Kwaliteitstijd zit niet in grote dingen." Terug |