Week 47 -2006
Mannen, let op! Het gaat slecht met de mannelijkheid. Onderzoekers in de Verenigde Staten hebben het aangetoond. Mannen hebben steeds minder testosteron in hun bloedvaten kolken. Het is nog niet zorgwekkend. Mannen kunnen nog zaad produceren en het zonder behulp van kunstmatige inseminatie bij een eicel doen belanden. We zijn dus wel nuttig en zullen nog niet zo snel uitsterven. Maar het is nu onomstotelijk aangetoond dat een vijftigjarige man in 1980 meer hormoon in het bloed had dan een man van die leeftijd van nu. Waar ligt het aan? De onderzoekers weten het niet. Ze zijn slechts de boodschappers die het vreselijke nieuws hebben gebracht. Het komt niet door het roken verzekeren ze. Dus rokers hoeven niet halsoverkop te stoppen. Het komt ook niet door vetzucht. Mannen hoeven zich dus evenmin met grote spoed bij de weightwatchers aan te melden. Wat wel die afname van mannelijkheid veroorzaakt blijft een mysterie.
Ik heb een theorie. Volgens mij hebben mannen al een tijd niets meer te vertellen in de samenleving. Als ze thuis, in de politiek of op het voetbalveld de baas spelen, weten we allemaal dat het spel is, dat het niets voorstelt en dat ze alle invloed verloren hebben. Nee, de vrouw heeft het in werkelijkheid voor het zeggen. Ze bepaalt wat er gegeten wordt, hoeveel kinderen er komen, wat er in het weekend gedaan wordt en vooral wanneer er geneukt wordt, hoe en hoe vaak. In de tijd dat mannen nog in berenvellen rondliepen en overliepen van de hormonen maakten ze zich geen zorgen of de vrouw ook enige lol aan seks beleefde. Nu piekert een man zich suf of het hem wel gelukt is haar tot een hoogtepunt te hebben gevoerd. Hij hoeft niet meer naar de sportschool want hij is doodop na alle gymnastiekoefeningen op de vierkante centimeter om het vrouwelijk genot uit de toverdoos te goochelen. Elke keer dat hij faalt schrompelt zijn zelfvertrouwen verder en op één of andere manier slaat dat terug op de aanmaak van de apenhormonen. Niets King Kong, maar meer Olie B. Bommel. Is het vreemd deze week in de krant te lezen dat er minder geneukt wordt in dit land? Waar halen mannen de moed nog vandaan?
De vrouw heeft intussen in haar damesblad gelezen dat ze pleisters met daarin testosteron moet kopen om opgewonden te raken en wat meer orgastisch genoegen uit het leven te halen. Spoedig komt waarschijnlijk de dag dat vrouwen meer mannelijke oerhormonen in zich hebben dan mannen. Ik weet het. Dit is een theorie. Elke andere kan even plausibel zijn. Maar deze lijkt me aannemelijk: de natuur bootst de maatschappelijke realiteit na.
Mannen hebben overigens ook die testosteronpleister ontdekt. Daarmee denken ze de eeuwige jeugd te verdienen. Het begon met een pleistertje voor ouder wordende mannen om te verbergen dat ze geen jonge kerels meer waren. Inmiddels is het in de Verenigde Staten al gebruikelijk dat jonge mannen dat spul gebruiken om zich in de survival of the fittest competitie staande te houden. Het is een ware mode daar aan de andere kant van de oceaan. Er werd echter een spaak in het mannenwiel gestoken. Bedaarde deskundigen schreven dat door het gebruik van die pleisters de kans op prostaatkanker natuurlijk zou kunnen toenemen. Alleen de desperate en heel dappere mannen bleven de pleisters op hun behaarde buiken plakken. Gelukkig voor hen heeft nu een loopjongen van de makers van medicijnen een onderzoek gedaan waaruit zou blijken dat we ons helemaal geen zorgen hoeven te maken over die kanker. Veertig manen heeft hij erop na gekeken.
Prostaatkanker is voorbehouden aan de absolute loosers, namelijk de mannen die het gezwel krijgen dankzij hun eigen testosteronproductie. Niet eens de lol van een pleister gehad.
Op mijn werktafel, rechts van het beeldscherm van de computer, ligt een recept voor 360 pillen, waarmee mijn testosteron drastisch omlaag gebracht zal worden, opdat ik gered worde. Drie per dag. "Je hoeft niet 's morgens, 's middags en 's avonds te slikken," zegt mijn dokter. "Slik ze maar alledrie tegelijkertijd." Over drie maanden zal ik dan weten of mijn kankercellen zich weer gehoorzaam gedragen en hun hinderlijke activiteit gestaakt hebben. Ik heb het recept al twee weken in mijn bezit, maar ik heb het nog niet naar de apotheek gebracht. Daar zal men zich zorgen maken over de grote hoeveelheid. Toen ik ze drieëneenhalf jaar geleden voor het eerst op ging halen zei de apothekersassistente luid in de volle winkel: "Weet u wel dat u bij zo'n hoge dosis impotent kunt worden?" Ik heb daarom al gebeld dat ik ze binnenkort kom halen, alle 360 stuks. Of ze die klaar kunnen leggen en ik heb uitgelegd dat ze me niet hoeven waarschuwen voor de afschuwelijke gevolgen.
Ik zal ze braaf slikken. Met overgave. Want ik heb nog veel te doen in dit bestaan. Daarbij zal ik voor lief moeten nemen dat ik steeds minder testosteron zal hebben. Maar goed, ik blijk dus niet de enige te zijn. Alle mannen verliezen hormonen alsof het haren zijn. Voorbij is de onstilbare drang, de wilde gewoonten, de onbeheersbare behoefte iets te bewijzen, de blindheid voor wat er werkelijk nodig is. Solidair zijn wij mannen op weg naar een civilisatie, die tot grote hoogten wordt opgestuwd door het geleidelijk verdwijnen van de opdringerige hormonen.



Terug