| Week 30 -2007 Renee staat in het extra dikke zomernummer van Vrij Nederland. Hij is beheerder van camping Starnmeer van de naturistenvereniging Zon en Leven. In zijn volle glorie staat Renee op de foto, voor de stacaravan waarin de receptie gevestigd is. Hij draagt alleen gezonde sandalen. Omdat het moeilijk voor naturisten is hun mobiele telefoon op te bergen draagt hij die aan een koord om zijn nek. Een campingbeheerder dient immers onder alle omstandigheden bereikbaar te zijn. Ik zou een dergelijke foto van zijn partner willen zien om te kijken of ze bij elkaar passen. Meer nog wil ik zijn foto naast die van mij houden, zoals ik mezelf 's morgens zie als ik onder de douche gestaan heb. Renee heeft grotere borsten dan ik ondanks mijn medicatie. Zijn buik is dikker, maar ik ren ook elke dag en ik weet niet of naturistencampings groot genoeg zijn om er een rondje van negen kilometer te maken. En, dat waar mannen altijd het eerst naar kijken en vergelijken, zijn jongeheer is kleiner. Ik vermoed dat hij niet zoals ik van die venijnige hormoononderdrukkende pillen slikt. Je weet het echter nooit, want de gevreesde ziekte neemt schrikbarend toe. Het is overigens een kwestie van tijd. Renee lijkt me even oud als ik, maar het lichaam laat ons op den duur in de steek. Wat we ook doen, het wordt steeds minder. Rennen, slikken, gezond eten, alleen maar positieve gedachten toelaten, het maakt allemaal niet uit. De schaduw van de eindigheid kruipt zonder mededogen dichterbij en zet ons uiteindelijk in het donker. Vanuit een huis-aan-huisblad kijkt een andere man van mijn leeftijd me aan, T-shirt aan. Hij is kaal en heeft een grijze baard. "Mannen boven de veertig hoef je tegenwoordig niets meer te vertellen. Als je ouder wordt, is het verstandig om een middel te gebruiken voor het behoud van een normale prostaat." Nee, vertel mij niets. Ik kan het woord soms niet meer horen, maar de emancipatie van de prostaat is nu eenmaal in volle gang. Na jaren van discriminatie en ontkenning van zijn bestaan, eist het orgaan zijn plaats op. Uit de tekst van het bericht blijkt dat gebruik van dit product ook drie keer meer energie geeft. Het meest valt de tekst op: 'Stoere prostaatverzorgende formule geeft ook meer seksuele energie.' Wat klinkt dat smerig: prostaatverzorgende formule. Ik moet denken aan handcrème of antiroos shampoo. Stel je voor dat ik dit middel zou gaan slikken, dan wilde ik nog vaker. Mijn arme Marion zou niet meer aan haar werk toekomen. Met wallen onder haar ogen zou mijn geliefde rondlopen omdat ze een man met kanker, die misschien niet zo vaak meer kan omdat zijn tijd beperkt is, natuurlijk niets meer kan weigeren. Ook vrouwen die ouder worden kampen overigens met ongemakken. In de natuurwinkel, waar ik een pot tahin voor op het brood koop, zie ik ineens een groot affiche hangen. 'Droge ogen? Droge mond? Droge vagina? Droge huid?' Ik moet twee keer kijken voor ik mijn ogen geloof. Leven in de Sahara. De associatie in dit gedicht tussen mond en vagina is tot daar aan toe, maar die met de ogen kan ik niet plaatsen. Een dag later ga ik nog een pot tahin kopen om te zien of ik de tekst op het affiche niet zelf verzonnen heb. Het staat er echt en er is ook een oplossing voor het droogteprobleem. Vrouwen moeten omega-7 olie gaan gebruiken om deze rampen te voorkomen. Wat is er zo moeilijk aan oud worden? Waarom kijk ik naar Renee en ben ik blij dat ik nog niet zo ver ben als hij? Ik heb nog een redelijk platte buik en geen telefoon aan een koordje, maar er is wel iets anders dat in me woekert. De dood roept weerzin op omdat het sterke associaties oproept met aftakeling en ziekte. Het is het eindstation van een lang proces van het verval van lichamelijke functies die in een eerdere fase van ons bestaan vanzelfsprekend vlekkeloos verliepen. Nooit dachten we erover na. Alles van het lichaam waarover we tevreden waren, en met name de seksualiteit waarvan we zoveel plezier beleefden, zal het echter op gaan geven. Kanker is het woord dat ze roepen zodra we weten dat het laatste deel van de sloop begint. Het is de streep die getrokken wordt vanwaar het aftellen begint. Van dat moment zul je alle gebreken een voor een tegenkomen. Van de broodrestjes tussen je tanden die blijven zitten zodat je op je hoede moet zijn en niet meer voluit kunt lachen tot versleten gewrichten. Van een kruin met dun haar tot drie keer per negen kilometer rennen ergens in het bos op je hurken omdat je darmen het af laten weten. Van borsten die groeien door pillen waar je niet om hebt gevraagd en die pijnlijk zijn bij aanraken, zodat je bang wordt voor spontane omhelzingen, tot een steeds sterkere leesbril. Van de buik van Renee die hem het uitzicht op de geslachtsdelen ontneemt tot de twijfel of je echt nog wel de man bent waarop je geliefde ooit verliefd werd. Als ik opnieuw naar de foto van Renee kijk, begrijp ik dat hij eigenlijk een broer van me is. Wat lijk ik op hem. Terug |