| Week 44 -2007 Een positieve houding innemen helpt niet tegen kanker. Wetenschappers hebben dat aangetoond. Dus ach, laten we ons maar neerleggen bij de realiteit. We gaan dood. Daar had ik al zo'n vermoeden van. Het kan toch maar niet eeuwig zo doorgaan. Er komt een moment waarop we het hoofd in de schoot leggen. Toch blij dat een paar mensen met een stevige opleiding 1093 mannen en vrouwen met hoofd- of halskanker hebben geïnterviewd om iets te weten te komen over hun dromen en levensinstelling. Na een tijdje waren 646 van die mensen overleden en het maakte niets uit of ze er nog iets moois van hadden proberen te maken. "Zie je wel," schrijven de deskundigen. "Het bestaat niet. De geest is niet de baas over de kanker en er moet een einde komen aan de tirannie van het positief denken." Hoeveel uren onderzoek zitten erin? Wat een moeite en geld om hun eigen twijfels over de zin van hun werk de baas te kunnen. Zij controleren de kanker, want zij hebben het monopolie op de waarheid en hun behandelingen zijn daarop gestoeld. Wat zou zo'n onderzoek eigenlijk kosten? Als 80.000 euro per jaar de grens voor het al of niet vergoeden van behandelingen van hun patiënten is, wat is de grens aan wat onderzoek dat niets dat we niet al wisten produceert kost dan? Geloof me, iedereen met kanker weet dat hij dood gaat, maar sommigen proberen aan wat nog rest stijl en allure te geven. Acht uur lang had ik met de vrouw van de Volkskrant gesproken. Het opnameapparaat lag tussen ons in. Voortdurend maakte ik me zorgen over haar. Zou ze al dat gebabbel later ook nog moeten beluisteren? Of heeft zo'n ding alleen ceremoniële waarde, om te benadrukken dat er een getuige bij ons gesprek aanwezig is en dat ik dus wel eerlijk antwoord moet geven op de vragen, anders moet ik zelf de consequenties maar dragen? Aanleiding voor ons gesprek is mijn nieuwe boek. Ook mijn privé-leven passeert echter de revue want het wordt een portret. We bespreken daarom ook mijn weekboeken en mijn walvis en lust boeken. "Maak je het allemaal niet wat mooier dan het is?" vraagt ze. "Jazeker," zeg ik. "Daar doe ik het juist voor." Het is niet de plaats om uit te leggen waarom mensen verhalen vertellen, waarom ze schrijven, waarom ze speelfilms draaien, waarom ze schilderijen aan de wand hangen. Toch probeer ik alles zo waarheidsgetrouw en precies uit te leggen. Ik wil de werkelijkheid niet verloochenen, maar weiger om concessies te doen aan de manier waarop ik hem probeer te versieren. Twee keer kwam ze bij mij thuis op bezoek. Ik wist door onze ontmoeting ook meer over haar. De vragen van een interviewer reflecteren natuurlijk wat haarzelf bezig houdt. Mensen zijn redelijk goed leesbaar en je hebt er geen boekenlegger bij nodig. Het gesprek ging nadien nog een tijd in mijn hoofd door. Dat gebeurde waarschijnlijk ook bij haar, want twee dagen voor de deadline belt ze me op. "Ik heb toch een heel belangrijke vraag," zegt ze. "Wat nu als je alleen maar bezig geweest bent een mooi verhaal over jezelf te maken." "Dat heb ik toch gezegd," zeg ik. "Daarom schrijf ik." "Dat het helemaal niet goed met je kanker gaat, dat je helemaal geen leuk huwelijk hebt, dat je helemaal niet zo vaak seks hebt als je schrijft," dringt ze aan. Op die vraag kan ik geen antwoord bedenken. Misschien zou een getuigenis van Marion over het aantal keren dat we het doen en of zij ook van mij houdt enig gewicht in de schaal leggen. Ik kan toch moeilijk zeggen "Heus, het is echt allemaal waar". Iedereen die Marion en mij kent, weet dat we vaak kibbelen en dat we ons deel aan moeilijkheden in zesendertig jaar huwelijk gehad hebben. Maar ik herinner me vooral de mooie dingen uit die jaren en geniet nog steeds van haar gezelschap. "Maar ik heb zoveel vrienden.," zegt ze. "Die zijn vijftien jaar getrouwd en die doen het nog maar zo weinig. Ook als ik het ze vraag, dan zeggen ze dat…" De onderzoekers die hebben aangetoond dat een positieve houding niet helpt als je met je kanker langer wilt leven, snappen niet dat wie zijn leven, zijn huwelijk, zijn kanker altijd in een positief perspectief probeert te zetten er geen dag extra door krijgt, maar wel alle dagen die hij gehad heeft tien keer zo veel genoten heeft als degenen zonder dat talent. Dichtung und Wahrheit? De waarheid hebben we of we nu willen of niet. De verbeelding is een geschenk waarmee we de waarheid leefbaar maken. Laat de waarheidsvorsers je dat vooral niet afnemen. Wie niet in sprookjes gelooft krijgt op den duur altijd gelijk, maar heeft wel voortdurend pech. Terug |