Week 02 -2008
Vijf jaar lang zijn we er niet meer geweest. Bali was ons eiland, maar plotseling was er een verwijdering ontstaan. In 2002 trouwde Kaja op het eiland dat door menigeen beschreven wordt als paradijs en we waren er met zeventig vrienden en familieleden naartoe getrokken. Marion was er speciaal een paar weken eerder naartoe gegaan om van alles te regelen. Een week vierden we feest en maakten we tochten door het paradijs. Zoiets moet je goed aanpakken, want je trouwt maar een keer. Onze zoon was ook al eens een keer in India getrouwd, maar die relatie was na vijf jaar zo maar ineens afgelopen, en de verbintenis bleek niet ook in Nederland als huwelijks te zijn geregistreerd. Wij gingen er dus van uit dat dit de enige keer zou zijn dat hij in het huwelijksbootjes stapte.
Later vertelde Kaja me dat hij een maand voor de trouwerij al begreep dat hij er beter niet aan kon beginnen, maar hij vond het zo vervelend voor al die mensen die hun reis al geboekt hadden. Binnen een jaar was het dan ook afgelopen.
Sinds we in 1977 voor de eerste keer op Bali waren en verliefd werden op het eiland waren we er vaak teruggekeerd. Soms wel twee maal per jaar. We overwogen zelfs een huis op het eiland te kopen en een jaar of twintig geleden liep ik met tienduizend gulden in mijn binnenzak om de eerste helft voor de grond voor een villa te betalen. Ik had ergens gegeten en liep via jalan 66 terug naar mijn logeeradres toen ik rumoer hoorde. Er was ingebroken en de Balinese nachtwakers sloegen een Javaanse dief dood. Onmiddellijk besloot ik dat een huis op Bali geen goed idee was, want wie wil door bezit nu zoiets op zijn geweten hebben? Dat huis ging niet door, maar het illustreert wel hoeveel we van het eiland hielden dat we serieus bezig geweest waren met de aanschaf van een woning in het paradijs. Alle nieuwe gebouwen, winkelcentra, supermarkten, verkeersdrukte die er telkens bij kwamen zagen we door de vingers zoals je in de liefde alles tolereert. Door dat mislukte huwelijk hadden we ineens echter genoeg van Bali en we bleven er weg.
Ik had in 2002 al die kanker, alleen wist ik dat nog niet. Mijn bloed was geprikt, maar aanvankelijk verzuimde ik mijn huisarts te bellen om de uitslag te horen en toen ik dat ooit deed - dat was na dat bezoek aan Bali - bleek dat men bij het laboratorium vergeten was de PSA te bepalen en moest het opnieuw gebeuren, iets waar ik ook niet al te snel mee was.
Een masseur uit de bergen kwam regelmatig bij Marion en mij op bezoek. Hij was bijzonder vaardig en soms leek het of je na een massage binnenste buiten was gekeerd. Naar mijn smaak weefde hij wat teveel magie rond zijn dienstverlening. Geesten die hij uit je haalde en weg wierp en adviezen die hij ongevraagd gaf over hoe we ons leven moesten inrichten. Omdat ik het meest mijn best gedaan had tijdens de Indonesische les moest ik alle onzin die hij uitkraamde ook nog vertalen. Regelmatig schoot mijn kennis van de taal echter tekort en was ik lang bezig uiteindelijk te begrijpen wat de geesten ons wilden vertellen.
Het was jammer dat Marion hem zo prees, want in de kortste keren wilde elk van die zeventig mensen die mee waren naar Indonesië een keer gemasseerd worden en kwamen wij niet meer aan de beurt.
Ook de vader van de bruid liet zich een paar keer door hem masseren. Na de massage vroeg de Balinees me of ik iets voor hem wilde vertalen en ik liep met hem naar de kamer waar Kaja's aanstaande schoonvader te vinden was. Toen de masseur me de eerste keer zijn verhaal verteld had wist ik niet goed wat ik ervan moest denken. Voor de zekerheid liet ik hem alles nog een keer goed uitleggen. Vervolgens besloot ik dat het helemaal niet zo goed zou zijn als ik het zou vertalen. Maar de vader van de bruid had één Indonesisch woord met een internationale klank opgevangen en hij wilde de boodschap uit de andere wereld niet negeren. Kanker.
"Hij zegt dat je diep in je lichaam kanker hebt en dat je daaraan dood gaat," zei ik uiteindelijk en ik liet er snel op volgen. "Maar dat is natuurlijk allemaal grote flauwe kul. Die man kan niet zien wat er binnenin je zit."
Hij liet zich de dagen daarna vaker dan voorheen door de man uit de bergen masseren. Wie zulke diagnoses kan stellen, kan het misschien ook wel weg wrijven, moet hij gedacht hebben.
Volgens Kaja is hij daarna gek van de ongerustheid geweest en in Nederland is hij grondig onderzocht, maar de dokter kon niets vinden. Toen ik kort daarna hoorde dat ik kanker had, is het me een keer door het hoofd gegaan, dat de masseur het misschien wel goed had gevoeld, maar omdat hij zoveel mensen moest masseren niet meer wist bij wie.



Terug