Week 44 -2008
Tien procent van de mannen zit op een dag in een spreekkamer als de dokter hem vertelt dat er prostaatkanker is geconstateerd. Ik ben dus niet erg uniek. In één van mijn medische vakbladen lees ik zelfs dat 43,9% van de Nederlandse mannen op een kwade dag van zijn arts hoort dat hij kanker in welk orgaan dan ook heeft. Als om de voorliefde van artsen voor cijfers te benadrukken, is eraan toegevoegd dat het betekent dat 1 op de 2,3 mannen kanker krijgt. Er is bijna een parlementaire meerderheid te behalen als al die mannen op de partij voor de bestrijding van kanker zouden stemmen. Ik kan maar één ding concluderen. Er zijn veel te veel kankerlijers in ons land. Vrouwen doen het wat betreft die gezwellen trouwens iets beter. Ik vraag me af waar die aan dood gaan, want ze hebben ook al minder last van hart- en bloedvatziekten. Maar ja, vrouwen zijn nu eenmaal beter in alles en ook nog gezonder. Misschien verdampen ze midden in de nacht als ze er geen zin meer in hebben.
Mijn moeder is achtentachtig en niets lijkt haar te kunnen weerhouden over twaalf jaar met foto in de Amersfoortse Krant te staan omdat ze haar honderdste verjaardag viert. Kerngezond is ze en ze reageert licht beledigd als haar nieuwe huisarts informeert welke medicijnen ze gebruikt. "Ik gebruik helemaal geen medicijnen!" Het enige waar ze last van heeft is dat één voor één haar kaartvriendinnen niet meer in staat zijn mee te gaan naar de bridgemiddagen. De een kan door de Alzheimer de kaarten niet meer onthouden en de ander kan niet meer goed lopen, waardoor de onderneming te belastend voor haar is. Een derde heeft door de suiker een amputatie van de benen ondergaan en ligt alleen nog maar in bed. Telkens wisselende partners voor het kaartspel. Het wordt een promiscue bestaan.
Oud worden is niets bijzonders meer, want als vrouwen in rijke landen eenmaal boven de tachtig zijn hebben ze vijf procent kans ook de honderd te halen. Dus waarschijnlijk komt er helemaal geen stukje in de krant als mijn moeder honderd wordt. Het zou betekenen dat mijn moeder gedurende haar lange leven nooit de krant heeft gehaald. Mijn broer en zus stonden nota bene bij hun geboorte al met foto en al in de krant. 'Tweeling geboren in Soesterkwartier'. Vier jaar later gebeurde dat opnieuw. 'Vier tweelingen op één kleuterschool'.
Over haar schrijvend doe ik het voorkomen of ik heel lief voor mijn moeder ben, maar in wezen ben ik een waardeloze zoon. Elke dinsdag en vrijdag bel ik haar vanuit de auto op zodat ik weet hoe het met haar gaat. Hoe lang is het echter geleden dat ik bij haar op bezoek ben geweest? Lachend zeg ik wel eens tegen tegen haar "je bent ook altijd weg omdat je moet bridgen"; alsof het aan haar ligt. Aan de andere kant van de lijn hoor ik haar een lachgeluid maken.
Het is herfstvakantie en omdat de kleinkinderen bij ons logeren, stelt Marion voor bij mijn moeder langs te gaan. Voor de deur met Helena op mijn arm wijs ik naar het naambordje.
"Kijk," zeg ik. "Daar staat Wolffers. Jij heet ook Wolffers, jouw papa heet Wolffers, ik heet Wolffers en oma Letty heet ook zo."
Mijn kleindochter heeft onmiddellijk het gevoel op thuisterrein te zijn. "We zijn nu echt bij oma Letty," legt ze enthousiast haar broer en zus uit. Die hebben een andere vader met andere achternaam. Helena loopt zelfverzekerd in het kleine appartement rond of ze er regelmatig komt en er zelfs zekere eigendomsrechten op kan doen gelden.
Daarna wil ze alle foto's die in keurige zilveren lijstjes op tafeltjes en boekenplanken staan bekijken en vraagt wie er op staan. Mijn moeder haalt albums te voorschijn waarin foto's van Helena's vader als kind te zien zijn. Ze maakt een tekening voor haar overgrootmoeder en adviseert haar zus: "Maak jij ook een verrassing voor oma Letty?"
Later, als we thuis zijn en ik haar naar bed breng, drukt Helena haar gezicht tegen het mijne. Haar neus tegen mijn neus. Haar mond tegen mijn mond.
"Hetzelfde,"zegt ze.
Omdat wij het zelfde zijn ben ik uniek. Gelukkig ben ik niet één van de 800.000 mannen die gedurende zijn leven hoort dat hij kanker in zijn prostaat heeft, maar Helena's grootvader.



Terug