Week 39 -2009
'Let op de negen signalen van kanker' hoor ik steeds op mijn autoradio. Vermoedelijk is er wereldwijd een kankerpreventieactie losgebarsten, want in de Engelstalige media lees ik ook voortdurend over de 'signs of cancer', alleen moeten ze waar Engels wordt gesproken het met zeven tekenen aan de wand doen. Onmiddellijk na die waarschuwende woorden op mijn autoradio hoor ik een dame een lied zingen dat in geen enkele zichzelf respecterende lift kan ontbreken en dat eindigt met de woorden 'I have it all'. Ik moet onmiddellijk denken aan de website www.havidol.com waarin een Australische kunstenares op ironische wijze alle nieuwe ziekten en kwalen waar de mensheid ondraaglijk onder lijdt op de hak neemt door een geheel nieuw syndroom te introduceren. Wij willen alles, denken altijd tekort te komen en kunnen niet kiezen omdat we zo inhalig zijn. 'When more is not enough'. Je hebt dan last van een Dysphoric Social Attention Consumption Deficit Anxiety Disorder (DSACDAD). Gelukkig is er een medicijn: Havidol. Het grappige was dat onmiddellijk allerlei sites een doorlink maakten omdat ze er heilig van overtuigd waren dat het om een echte aandoening ging en om een echt medicijn. Het larmoyante lied van de commercial heeft er echter niets mee te maken, en blijkt een advertentie van Delia te zijn. De vrouw die zingt is maar wat blij dat haar man zo'n goede begrafenisverzekering heeft afgesloten, want nu heeft ze alles. Ze blijft goed verzorgd achter, de begrafenis wordt geheel betaald en ze kan eindelijk haar eigen leven zonder hem weer oppakken. Hoe graag Marion zo'n verzekering ook zou willen, ik wil het niet in huis. Het stinkt naar slechte parfum in een lift met irritante muziek. Waarom moeten we ook alles hebben? Je kunt je niet tegen alle bedreigingen indekken.
Als ik 's morgens wakker word hoor ik de stopwatch al tikken. Er moet nog zo veel en er is zo weinig tijd. Ik draai mijn rondjes, maar soms voel ik me onverwacht erg moe. Het was in zo'n bui dat ik toen ik in het postkantoor was en een poster van de Staatsloterij zag waarin een jackpot van 27,5 miljoen euro werd beloofd, besloot om voor het eerst in mijn leven een lot te kopen. Bij winst krijg ik er geen seconde bij, maar ik zou in staat zijn mijn leven te reorganiseren. Pensioen bestaat niet voor mensen zoals ik, maar zou het niet fantastisch zijn als ik weer een roman zou kunnen schrijven of aan mijn Opus Magnum werken. Het is het boek waarvoor ik altijd aantekeningen maak, maar er is nooit tijd het daadwerkelijk te schrijven. Ik zal er al mijn inzichten over gezondheid in opschrijven, over gedrag, geloof, hoop en hoe de mensen die aan je moeten verdienen je gek maken met alles wat je nog zou moeten willen. Zou het niet prachtig zijn als ik niet langer Nederland zou hoeven voorlichten over geneesmiddelen, overgewicht, cultuurgebonden aandoeningen of kanker? Gewoon 's morgens aan een hoofdstuk van een nieuw boek beginnen waarvan je de vage contouren wel hebt vastgelegd, maar waarbij je aan een avontuurlijke reis begint waarvan je niet goed weet waar je uit zal komen. Zoals ik vroeger mijn boeken schreef, nog lang niet alles begrijpend, zoekend. Er is echter geen tijd meer voor omdat ik de belastingaanslag moet betalen en dus nog wat stukjes moet schrijven. Daarom laat ik het noodgedwongen bij aantekeningen en een map waarin ik artikelen bewaar waarvan ik denk dat ik ze bij dat meesterwerk kan gebruiken. Op de dagen dat ik mijn hoofd laat hangen denk ik dat ik het boek nooit zal schrijven. The Quest for Health. De titel heb ik al, maar dat alleen is niet voldoende. Ik beur mezelf dan op met de gedachte dat het ook maar goed is dat ik het nog niet schrijf, want het zou wel heel erg op een afscheidsboek lijken en ieder gezond denkend mens weet wat er na een afscheid gebeurt.
De volgende dag kan ik al op het internet kijken of ik iets met mijn lot heb gewonnen. Voor geen van de drie loten die ik kocht mag ik iets leuks ontvangen.
De uitslag van mijn PSA is eigenlijk net zo iets. Ik bel op om te horen hoe hoog hij is. Van te voren heb ik natuurlijk nagedacht over wat ik mag verwachten en wat aanvaardbaar is. De vorige keer zonder dat ik mijn pilletjes slikte was het achtenveertig. Daarom moest ik weer gaan slikken en ik gebruik die medicijnen toch niet voor niets. Ook zou het lager moeten zijn dan een jaar geleden toen de PSA ineens op hol sloeg en ik besloot me aan het HIFU avontuur te wagen.
"Twaalf komma vijf," zegt hij. Het voelt of ik een kleine prijs in de loterij heb gewonnen. Niet iets om echt helemaal ondersteboven van vreugde te raken, maar ik hoef er gelukkig geen buikprikken bij. We gaan weer drie maanden verder met de behandeling en kijken dan opnieuw naar de PSA. Ik zou echter zo vreselijk graag de hoofdprijs eens winnen. Een PSA uitslag van nul, niets, niet te meten zo laag.



Terug