Week 07 -2010
Als ik Helena naar bed breng praat ik met haar over vakanties. Over een week gaan we weer samen op reis en ik heb beloofd dat ik het grote boek "hoe leer ik stripverhalen tekenen?' mee zal nemen. Helena's definitie van vakanties is kort en helder: je doet wat je wilt en je eet altijd in een restaurant. Daar bestel je dan patat.
"Dat kan niet elke avond," leg ik uit. "Dat is ongezond. Eén keer mag, maar daarna weer een paar dagen niet."
"Patat nee, patat nee, patat nee, patat ja," vat ze samen.
Daarna gaan we over op taart, koekjes en suiker.
"Papa heeft gezegd dat je van suiker suikerziekte krijgt," vertelt ze.
"Nou ja van veel suiker," verbeter ik. "Dat is niet goed."
"Lollies," zegt ze.
"Ook coca cola, koekjes en chocolade," voeg ik toe.
"Dan word je ziek," concludeert ze.
"In het begin merk je het niet," leg ik uit. "Maar op een gegeven moment word je moe, ga je slechter zien en soms worden je voetjes zwart en moeten ze er afgehaald worden."
Ze kijkt me verbijsterd aan en ik besef dat ik iets te ver ben gegaan met mijn gezondheidsvoorlichting.
"Ik wil niet meer naar school,' zegt ze. "Daar krijgen we steeds koekjes."
"Maar op school leer je allemaal leuke dingen," werp ik tegen. "Dan kun je later misschien ook dokter worden."
"Ja, ik wil dokter worden," zegt ze. "Dan ben je nooit ziek."
Mijn voorlichting over de preventie van suikerziekte voor vierjarigen is een mislukking en ik denk dat ik het niet veel beter zal doen als ik haar over mijn prostaatkanker uit moet leggen. Opa weet er reuze veel over. Zijn bureau ligt vol met knipsels en fotokopieën. Stress verandert gewone lichaamscellen in moordende kankercellen. Het is aangetoond bij fruitvliegjes. Leven zonder spanning is echter onmogelijk. En: Opgeslagen vetten maken kanker agressiever. Daarom zou ik geen voedingsmiddelen moeten eten waarin veel vet zit en ook doe ik er goed aan om veel te bewegen zodat ik overga van het verbranden van koolhydraten op vetverbranding. Het is dan overigens ook slim om niet te veel koolhydraten te eten. Maar wat dan wel? Plastic zakjes, oude kranten? Je moet toch iets eten. Een ander onderzoek toont aan dat wat extra koffie en meer lichaamsbeweging zorgen dat mannen met prostaatkanker langer overleven. Het bericht is gevat in voorzichtige bewoordingen. Niet meteen meer koffie gaan drinken, maar als je er van houdt dan is er in ieder geval geen reden om er minder van te drinken. Die onderzoeker zou het in de politiek niet slecht doen, want hij beheerst de kunde van het niets zeggen voortreffelijk, waardoor je nooit ergens verantwoordelijk voor bent.
Soms vraag ik me af waarom artsen nooit over zulke dingen met je praten. Gesprekken beperken zich tot PSA en medicijnen slikken, af en toe een scan om te kijken of je het al in je botten hebt zitten. Met meerdere urologen heb ik nu te maken gehad, maar nooit is iemand over voeding of training begonnen. Marion interviewt vrouwen van mannen met prostaatkanker om daar een mooi boek over te schrijven en ook haar geïnterviewden hebben van hun arts nooit gehoord over anders eten, anders drinken, anders bewegen. Misschien dat artsen bang zijn dat als ze daarover spreken hun patiënten gaan denken dat ze alternatieve genezers zijn geworden. Het kan ook komen omdat er wel artsenbezoekers langskomen om iets over de nieuwe medicijnen te vertellen, maar nooit iemand die met wetenschappelijke artikelen in de hand iets vertelt over hoe belangrijk het kan zijn om op je vet te letten, overbodige stress te vermijden, of dat je hardloopschoenen, een racefiets en een espressomachine moet kopen.
Opa doet zijn best om dat allemaal wel te doen en nog vaak met zijn kleindochters op vakantie te kunnen gaan. Eerst twee kopjes espresso om de dag te begroeten. Dan op de hometrainer klimmen en vijfenveertig minuten vol uit en kijken hoeveel niet afgelegde kilometers ik dan heb gereisd. Sober eten. Veel vis, fruit en groente. Misschien dat de twee glaasjes wijn bij het avondeten overbodig zijn. Over het nut daarvan heb ik nooit iets gelezen. Ik hoop maar dat er een dag komt dat een onderzoeker zegt dat mannen met prostaatkanker die dagelijks een glas Merlot drinken een maand langer leven en wie elke dag een glas Shiraz gebruikt zelfs twee maanden meer heeft. Dan drink ik het met nog meer plezier.
Het lukt me niet om de dromen van Helena weer te verduisteren. Als ze zegt dat dokters niet ziek worden glimlach ik alleen maar en ontken het niet. Niet alles wat dokters zeggen is waar. Juist die ochtend heb ik bovendien een nieuw droogfietsrecord gereden.



Terug