| Week 33 -2010 Ook al heb ik altijd goed mijn best gedaan op de doktersmulo en heb ik trouw veertig jaar lang mijn vakliteratuur bijgehouden, het bestaan van het kleine-penis-syndroom was mij volledig ontgaan. Vijfentachtig procent van de vrouwen is tevreden over de afmetingen van 's mans gereedschap, maar toch worstelen heel wat mannen met het syndroom, dat gebaseerd is op de angst van de heren der schepping te klein geschapen te zijn. Het syndroom dient volgens de deskundigen niet te worden verward met een kleine plasser. Dat wordt door de meesters der geneeskunde namelijk een micropenis genoemd. Alles heeft een naam in deze verwarrende wereld. Zelf kijk ik af en toe naar beneden of alles er nog zit, maar het advies van experts is om je eigen maat nooit op die manier te beoordelen. Je doet er beter aan in volle naakte glorie voor de spiegel te gaan staan. Van boven af gezien ziet namelijk alles er kleiner uit. Mijn interesse voor het onderwerp komt overigens niet uit de lucht vallen. Mannen die zich laten behandelen met de buikprik omdat ze niet zo haastig aan prostaatkanker dood willen gaan weten hoe snel de mannelijke trots in omvang kan afnemen. Het is een mirakel hoe ingrijpend de chemische castratie werkt. Er blijft een soort groot uitgevallen clitoris over en je weet niet eens hoe je hem moet bedienen. Ik heb een jaar lang die zoladexprik in mijn buik gekregen en weet nog goed hoe het leek of de hele boel aan het wegsmelten was. Het is net zo'n wonder om vervolgens te zien hoe alles in oude glorie hersteld wordt als de prikken wegblijven. Zelfs de hormoontabletjes doen hem geen kwaad meer. Uroloog Wylie uit Leeds heeft over de kleine Dokus een wetenschappelijk artikel geschreven en hij verzekert de lezer dat het heel gebruikelijk is dat mannen zich zorgen maken over de omvang van hun intieme delen. De gemiddelde lengte in stijve toestand is 14 tot 17,7 centimeter en over een kleintje beginnen we pas te praten als hij korter dan 7 centimeter is. Of de heer Wylie nu pielearts geworden is door zijn naam weet ik niet, maar hij is wel vrij uniek in zijn wetenschappelijke interesse. Hij weet te melden dat slechts weinig mannen de centimeter er naast gehouden hebben om tot hun schrik vast te moeten stellen dat hij zijn kop niet boven de zeven uitstak. Desalniettemin wil volgens dokter Wylie maar liefst 45 procent der heren een grotere. Serieus geneesheer als hij is maakt Wylie zich ernstige zorgen over de methoden die op het internet aangeboden worden om de penis te vergroten. Het Phallosan extender systeem en de Penistretcher kunnen het kleine ding in slappe toestand iets langer maken, maar dat is met name te danken aan het uitrekken van de huid. Ikzelf vraag me af of die apparaten niet eerder thuis horen in het torture museum in onze hoofdstad. Ook plastische chirurgie zou volgens de deskundige weinig te bieden hebben. In landen als China of Vietnam loop je regelmatig tegen krantenadvertenties aan waarin de diensten van dergelijke vaklieden worden aangeboden, maar het is onverstandig daar je hoop op te vestigen. Alleen bij beschadiging van de edele delen kunnen ze nog wel eens iets rechtzetten of aan elkaar hechten. Nee, Wylie denkt dat mannen met het kleine-penis-syndroom maar moeten leren dat hij jammer genoeg niet groter is. Misschien kan de psychiater daar enige assistentie bij verlenen. Of gewoon een leuke partner die de kleine jongen niet discriminerend en vriendelijk bejegent zodat hij zich welkom voelt en zijn eigenaar zich een grote jongen waant. Terug |