| Week 45-2011 Er gebeuren te veel belangrijke dingen in mijn leven om me bezig te houden met onbenullige zaken zoals de uitzaaiing van mijn prostaatkanker naar het darmbeen. Terzijde even: Dat darmbeen is de onderkant van de doos die ervoor zorgt dat mijn ingewanden niet bij een wind of niesbui er vanonder uit zakken en verder van weinig betekenis voor de rondjes die ik nog wil rennen. Gesprekken erover ga ik uit de weg of handel ik zakelijk af, want het heeft geen zin om de biologische ontwikkeling in mijn lijf te dramatiseren. Het wordt er niet anders door, maar als ik er te vaak over praat dan gaat het uiteindelijk mijn gedachten nog domineren en dat is wel het laatste dat ik nu nodig heb. Natuurlijk ga ik wel naar de artsen die me verder moeten behandelen. Daarom reed ik naar Antwerpen teneinde de arts te raadplegen die in 2009 een HIFU gedaan had om de kwaadaardige cellen die in mijn prostaat waren teruggekomen te vernietigen. Ik had hem sinds die tijd nooit meer gezien. Hij liet me plassen in een trechtertje, voelde van achter met zijn vingers hoe groot mijn prostaat was en deed een echo van blaas en prostaat. Daarna mocht ik mijn billen reinigen en me weer aankleden. Terug in zijn spreekkamer kreeg ik het gevoel of de hoofdmeester mijn rapportcijfers met me doornam. Een zeven plus voor urinestraal, een zeven min voor de grootte van mijn prostaat. Voor mijn conditie kreeg ik een zeveneneenhalf. Het leek goed te gaan. Ik rekende erop dat ik naar de volgende klas zou mogen en dat hij weer een HIFU zou doen en dat vervolgens de uitzaaiing in het bot in Amsterdam kon worden bestraald. Op dat moment begon hij echter de cijfers waarin ik een onvoldoende had behaald op te sommen. Vlijt? Ik was in die twee jaar geen enkele keer bij hem geweest en hij had de indruk dat ik zelf maar een beetje aan het aanmodderen was. Voor gedrag kreeg ik een nog slechter cijfer, want ik moest toch weten dat het nu voorbij was met lap- en plakwerk. Ik moest onmiddellijk overgaan op serieuze hormoononderdrukking. De medicijnen die ik nu gebruik hadden hun effect wel zoŽn beetje gehad en ik moest weer aan de buikprik. "Dat komt omdat ik niet zo gek ben op die medicijnen en het moment zo lang mogelijk wil uitstellen," legde ik de Vlaamse uroloog uit. Op die manier wilde ik hem duidelijk maken dat ik in overleg met mijn Nederlandse uroloog bij het afwegen van kwaliteit van leven en kwantiteit tot andere conclusies kom dan hij misschien logisch vindt. "Dat die scan wat kleuring op de plaats van de prostaat geeft kan ook wel door de urine komen," zei hij nog. "Als je toch wilt dat ik een HIFU doe, dan moet ik eerst zeker weten dat die cellen weer echt actief zijn en moet er een biopsie gedaan worden." Daar zei hij half binnensmonds nog achteraan " maar met zoŽn kleine prostaat." Toevallig heb ik een onderzoek gelezen waaruit blijkt dat sportfans altijd de overwinningen van hun favoriete team veel beter onthouden dan de verliespartijen. Eenmaal buiten concentreerde ik me daarom vooral op de zevens die ik behaald had. Mooie straal, kleine prostaat en - dat had hij ook erg goed gevonden - dat ik na zoŽn torenhoge PSA in het begin nu negen jaar later nog in leven ben, waren toch enorme pluspunten. Marion en ik vierden dat door in een Antwerps restaurant tarte tatin als dessert te bestellen. Twee dagen later ontving ik een zeer lange mail van hem. Het was een soort waarschuwing, verzonden aan de ouders van een leerling die wel begaafd is maar op school onvoldoende zijn best doet. Hij wees me nog eens duidelijk op alles wat ik volgens hem zou moeten doen. Op basis daarvan heb ik nu vier scenarioŽs waarover ik even rustig na moet denken. Voorlopig heb ik nog geen beslissing genomen omdat het leven zelf om mijn aandacht vraagt en die kanker loopt niet weg. Dat laatste kan ik u verzekeren. Terug |