| Week 18-2012 Arme muizen. Ze werden geselecteerd op persoonlijkheid en vervolgens blootgesteld aan ultraviolette straling. Daarvan weten we dat het kanker kan veroorzaken. Wat bleek het geval te zijn? De zenuwlijers die zich altijd overal druk over maken hadden meer gezwellen en kregen die ook eerder. Deze onderzoeksresultaten komen niet als een verrassing want ook bij mensen is er al verband gelegd tussen veel slechte stress en een ongunstige invloed op kanker. Dus mijn advies is: ´Just play it cool Sam, real cool´. Maar hoe doen we dat? Die kanker is nog tot daar aan toe, want dat kan iedereen overkomen en het leven is leuk, dus je gaat zo lang mogelijk door. Uiteindelijk kregen alle muizen kanker, ook de piepertjes bij wie alle ellende als regen in dikke druppels van hun zuidwester leek af te glijden. Het gedoe erom heen zorgt echter voor niet aflatende spanning. Dat begint al in dat medische circus. Wee je gebeente als je die jongens en meisjes daar niet serieus neemt. Ze hebben er jaren voor gestudeerd, hebben het beste met je voor en weten waar ze het over hebben. Als je niet luistert, dan moet je het zelf maar weten. Ja, dat kennen we. Onderzoek dat deze week verscheen laat zien dat Amerikaanse artsen zich weinig hebben aangetrokken van de richtlijnen voor het testen van de PSA. Ze deden het bij wie er maar op het spreekuur kwam en erom vroeg. Het is een wonder dat ze het nooit bij vrouwen lieten doen. Nee artsen zijn net stresskippen als het aankomt op kanker. Een PSA hoeft echt niet bij iedereen. Je maakt mensen er alleen maar gek mee. Nog dieper grijpt kanker aan op het niveau van je gezin en je familie. Je komt thuis met de toch al niet zo vrolijke mededeling dat jij het hebt. Iedereen wil je helpen, maar partner en kinderen zijn niet van steen. Daar begint de stress, want je vraagt je voortdurend af hoe je hen kunt beschermen. Als kankerlijer voel je jezelf de grote spelbreker. Ik moest weer zo nodig kanker krijgen. Wat valt er te doen om het wat gemakkelijker voor ze te maken? Nadeel is daarbij natuurlijk dat je alle menselijke trekjes hebt die andere apen ook bezitten. Je maakt je ook wel eens zorgen, bent wel eens chagrijnig en wil ook eens een keertje zielig doen. Ben je in staat om dat allemaal te verbergen? Bijvoorbeeld als mijn moeder me belt en vraagt hoe het met me gaat. Ze is 92 en nog altijd moeder. Daarom is dat het eerste wat ze zegt, nog voordat ik vrolijk en luid kan informeren ´Moedertje hoe gaat het?´ Het lukt me echter zelden om haar voor te zijn. Deze week slaagde ik er wel in. Nadat ik mijn vraag gesteld had zei ze verrast. "Wat leuk dat je belt. Ik zit net een interview met je te lezen. Het heet Ivan Wolffers dubbele punt ´Het gaat goed met me´. Het is van een paar jaar geleden. Het is toch wel waar hè?" Ik ben sprakeloos. Heeft ze die oude interviews bewaard waarin ik altijd uitgebreid uitleg wat prostaatkanker is maar dat het met mij reuze goed gaat? Leest ze die af en toe om zich te bevrijden van de voortdurende bezorgdheid die zich aan haar opdringt omdat ze me zo zelden ziet en dus niet aan mijn ogen, mijn pas, mijn lach kan zien dat ik leef en gelukkig ben? "Ja, de anderen zeggen dat er meer aan de hand is dan je zegt," voegt ze er nog aan toe. Misschien zeggen ze haar dat om me te verontschuldigen omdat ik te weinig bij haar op bezoek kom. "Echt mam, eerlijk. Het gaat hartstikke goed met me," zeg ik. "Geloof me nou maar." Na afloop van het gesprek zit ik echter met een vervelend gevoel. Stress. In mijn agenda zet ik op een paar dagen ´mama opzoeken´. Zo, het ergste is weer onder controle. De relatie met je geliefde is echter nog veel ingewikkelder. Daar ben je niet met een vrolijk telefoontje klaar mee. Alles, de kleinste dingen die nu eenmaal in een relatie passeren worden uiteindelijk toch ook gezien, gemeten en beoordeeld in het licht van die kanker. Vermoeidheid, slechter lopen, ander gedrag, het wordt altijd geduid. Daar zijn we mensen voor. Marion heeft het uitstekend beschreven in haar boek ´Als je man verandert´ en ik hoef dus niet ook nog hele boekwerken te schrijven om uit te leggen hoe zonder dat je het wil de kankerstress - dat bijtende zuur dat er altijd is - in je relatie kruipt en dat je jaren nodig hebt om nieuwe strategieën te ontwikkelen waarmee je die aankunt. Mijn methode is de ´het gaat goed met me´ aanpak en die helpt tot het uitgewerkt is. Het gaat eeeeeeecht heel goed met me. Marion en ik hebben samen een boek gemaakt over Bali en ik heb het vandaag in mijn handen gehad. Wat kan je daar blij van worden. Daar kan geen chemo tegen op. Ik maak me inmiddels wel veel zorgen over die onderzoeksmuizen. Moet ik snel 144 bellen? Ik denk er maar niet te lang over na, anders levert het weer extra stress op. Misschien moet ik wel nog eens een stukje schrijven over hoe ze de persoonlijkheid van die muizen hebben vastgesteld. Terug |