Week 19-2012
Meer dan veertig jaar geleden maakten Marion en ik een kinderboek ´De omnibus´. Het geeft niet dat niemand ervan gehoord heeft, want er is maar één exemplaar van en ik zou niet weten waar het is. Marion typte het op oranje papier en ik maakte tekeningen op gewone witte vellen die we uitknipten en tussen de tekst plakten. Omni, zo heette de hoofdpersoon, ging met de bus op weg door een prachtige wereld vol wonderlijke wezens. Terugkijkend denk ik dat het een vorm van op papier de liefde bedrijven was. Marion reageerde op mijn tekeningen en ik probeerde weer door te gaan naar aanleiding van wat zij schreef. Het was als de strelende hand die kippenvel doet ontstaan en zich daardoor gestuurd weet en nog beter in staat zijn weg over kwetsbare huid te vinden. Als de lippen die de spieren voelen samentrekken.
Het is onverstandig me mee te laten slepen met mijn eigen analogieën en ik moet me aan de wekelijkse aan mezelf opgedragen taak houden: iets schrijven over wat ik beleef sinds ik de diagnose ´prostaatkanker´ hoorde. Op de website van de Daily Mail, de krant die mensen op de hoogte houdt van hoeveel net bevallen actrices zijn afgevallen, welke blunders ze maken bij hun kledingkeuzes, hoe ze na een feestje dronken weggedragen moeten worden en met wie de stervoetballers hun vrouw hebben bedrogen lees ik ´Aantal gevallen van prostaatkanker in 20 jaar tijd verdrievoudigd´. Dat geldt voor Engeland, maar het is in ons land niet veel anders.
Als het aantal gevallen van een vorm van kanker die op 2 in de top10 van kankers bij heren staan zo veel vaker voorkomt, dan mag je toch logisch gesproken ook een enorme toename van sterfgevallen verwachten. Kanker is immers iets anders dan een verkoudheid. Maar nee hoor, het ziet er zelfs een beetje beter uit. Ongetwijfeld zijn er artsen die dat onmiddellijk aan zichzelf toeschrijven. Ze zullen dan zeggen dat ze de kanker sneller vinden en dat hun behandeling beter is geworden, maar we weten wel beter.
De Britse organisatie Cancer Research UK doet alles eens goed uit de doeken. Sinds de PSA test werd geïntroduceerd worden niet alleen mannen met langzaam groeiende vormen van kanker eruit gehaald. Zij moeten vervolgens ingrijpende behandelingen ondergaan waardoor ze kans lopen voortaan in hun broek te plassen, de grote boodschap niet meer goed kunnen regelen en het gedoe met hun jongeheer zal nooit meer zo zijn als voor dat gekanker begon. Bovendien zijn er ook nog eens heel veel heren die helemaal geen kanker hebben maar wel het traject doorlopen in de urologische fabriek, van angst en zweten tot biopsieën en altijd blijven terugkomen bij de afdeling U omdat hun toekomst niet meer zeker is. Je weet maar nooit.
Het heeft iets van een grote samenzwering, waarbij een relatief goedaardig gezwel ineens als het grote kwaad wordt afgeschilderd zodat de oorlog verklaard kan worden teneinde de ouder wordende man te redden. Via het doen van een PSA-test een grensincident uitlokken om een excuus te hebben om de tanks te laten rijden en te snijden en te castreren met medicijnen. Literair gezien klinkt het allemaal wel aardig, maar ik besef dat ik net iets te ver ga. Je kunt namelijk ook de mannen op het spoor komen die wel een kwaadaardige vorm hebben en op weg lijken te zijn naar een plaatsje op Zorgvlied. Mannen zoals ik, bij wie het gezwel kwaadaardig blijkt te zijn. Die mannen mogen dan nog een tijdje leven.
De morele keuze is dus tussen een paar mannen wat extra jaren bieden tegenover het verpesten van het leven van een flinke groep kerels. Ik geef onmiddellijk toe dat mannen lastige wezens zijn met al die hormonen en hun haantjesgedrag waarmee ze zoveel op deze mooie wereld weten te verprutsen, maar dat rechtvaardigt nog niet om ze zo op stang te jagen.
Wat ik van deze ethische kwestie vind is volkomen onbelangrijk, maar als je het me toch vraagt, zou ik zeggen: Lekker blijven genieten mannen, met al je mannelijke onzekerheden en eigenaardigheden. Doorgaan met het leven in plaats van je zorgen te maken over de dood. Die komt toch wel. Daar hoef je niets voor te doen. Ikzelf heb geprobeerd voluit te blijven leven en tien jaar nadat ik voor het eerst een PSA test onderging heb ik nu het boek in handen dat Marion en ik samen maakten. Geen omnibus en ook geen handboek ´Het huwelijk in crisis door prostaatkanker´, maar Het Bali van Bloem, waarin zij de verhaaltjes vertelt en ik de foto´s lever. Een product van onze krankzinnige liefde met alle heftigheid, die we voor de zekerheid maar buiten het boek hebben gehouden, want papier is vrij brandbaar. Het boek in mijn handen maakt me blij, iets dat een PSA uitslag zelden doet.




Terug