| Week 20-2012 Marion´s tante Non overleed deze week. Weer iemand van die generatie verdwenen en wie nog wel leeft weet door de Alzheimer niet meer hoe het allemaal precies was. Als ikzelf heenga, hoe lang zal ik dan nog nagalmen? En wat als ik zelf niet meer weet wat ik mijn leven lang niet zou vergeten? Chinezen gaan ervan uit dat de geest na het overlijden op aarde blijft rondspoken zo lang er nog nakomelingen zijn die hen kunnen herinneren. Je bent er nog als er iemand is die aan je kan denken. Dat zou vijf generaties ver gaan. Optimistische mensen zijn die Chinezen. De opa van mijn opa is afhankelijk van mij, maar ik heb slecht nieuws voor hem: hij bestaat niet meer want in onze door de nazi´s uitgeroeide familie is hij afhankelijk van mij en mijn geheugen is al volledig in gebruik voor de pogingen om te onthouden wat er nu met me gebeurt. Het besef dat we snel na ons overlijden vergeten zullen worden maakt zo eenzaam. De anderen gaan door, hebben elkaar nog, maar na drie jaar ben je gereduceerd tot een paar anekdotes. Meer zit er voor jou niet in. Maar lang niet iedereen accepteert het, wil er wat meer van maken en wil nog heel even in het hoofd van de overlevenden blijven. ´I want to live forever´, Freddy Mercury heeft gemakkelijk zingen. Menigeen heeft dan misschien geen grootse inzichten verworven in het leven, weinig verdiend met het werk dat hij verricht heeft en niet helemaal bereikt van wat hij dacht dat het leven voor hem in petto had, maar hij wil wel zijn geestelijke nalatenschap goed achterlaten. Het wordt dus tijd om een boek te schrijven. In het Engels heet dat heel mooi Legacy, een prachtig woord. Het klinkt heel wat sexyer dan nalatenschap. Het mallotige woord ´gedachtengoed´ - en dat het dan ook nog moet worden nagelaten - staat me helemaal tegen. Alsof andere mensen werkelijk geïnteresseerd zouden kunnen zijn in het onsamenhangend napraten van andermans gedachten, laat staan als dat ook nog allemaal is opgeschreven. Waar komt de behoefte om over het graf heen te blijven regeren toch vandaan dat het zo universeel voor komt in zoveel culturen? Is het idee van het nalaten van gedachtengoed niet gewoon ordinair wat vroeger onze ziel werd genoemd, die als we goed en vroom leefden naar de hemel mocht en het eeuwige leven had. Heb ik een gedachtengoed dat ik wil nalaten? Meer dan tachtig boeken heb ik geschreven. Welke van die boeken zal daarvan nog in de Nederlandse bibliotheken staan en wordt het nog wel eens uitgeleend? Als ik heel eerlijk ben moet ik toegeven dat mijn laatste boek GEZOND door mij bedoeld was als een boek dat door iedereen die met gezondheid en gezondheidszorg bezig is gelezen zou moeten worden - verplichte leesstof -, ook als ik er niet meer ben. Een boek zoals ik ze zelf graag las toen ik de wereld nog wilde veranderen, dat me hielp bij het vinden van de scheuren in de muren van de gevangenis van wat we onze waarheid noemen. Ik had zulke boeken nodig om naar een andere werkelijkheid te kijken. Boeken worden bijna niet meer verkocht en nog maar mondjesmaat gedrukt. Misschien moet ik het in de moderne media zoeken. Een boek is ook zo ouderwets. Daarom heb ik een Facebookpagina en twitter ik. Kijk eens lieve mensen wat een leuke foto´s ik maak en wat een scherpe zinnetjes ik weet te bedenken. Willen jullie me alsjeblieft even volgen en me daarna een tijdje blijven herinneren? Om vijf uur ´s middags werd er gebeld en er stond een jongen voor de deur die zei dat hij namens Flying Doctors kwam collecteren en ten bewijze daarvan wees hij op een logo van zijn rode jack. Hij had een blocnote en een pen in de hand waarmee hij me probeerde te intimideren: betalen of ik zal je noteren. "Nee," zei ik. Om te beginnen geloofde ik niet dat zijn kleding enige garantie bood voor zijn betrouwbaarheid, maar bovendien ben ik zelf arts en ik heb mijn hele leven veel gevlogen en waar heeft het me gebracht? Achter een computer waar ik schrijf over gezondheid en als ik daarmee stop dan verdwijn ik langzaam maar zeker. Het is mijn dag niet. Voor ik ga slapen lees ik nog een paar bladzijden in mijn boek, De zeven levens van Rome. Dat doe ik met opzet op die manier, omdat ik als ik het boek uit heb wil kunnen vertellen wat erin staat. Nu ik dit schrijf weet ik echter al niet meer hoe de schilder uit de achttiende eeuw heet waarover ik 12 uur geleden gelezen heb. Hij had zich bekwaamd in het maken van portretten van adellijke Britten die op hun Grand Tour Rome aandeden, mensen die niemand nog kent. Er waren veel van dergelijke kunstenaars, maar ze zijn allemaal vergeten. Alleen die ene, die is nog bekend. Helaas weet ik zijn naam al niet meer, net zo min als ik veel onthouden heb van de 350 pagina´s die ik daarvoor heb gelezen. Misschien is het beter om alleen nog af en toe een stukje schrijven over mijn kleindochters en spelen met de foto´s die ik in mijn leven gemaakt heb en die bewijzen dat ik er was, ook al sta ik er niet vaak op. Terug |