Week 38-2012
Elk jaar vergezel ik Marion naar Film by the Sea in Vlissingen. Toevallig is er dan vaak net een onderzoek of scan geweest die verontrustend is. Plotseling is de PSA weer verhoogd of laat een botscan iets onaangenaams zien. De oesters die we eten en de films die op het filmfestival draaien maken het allemaal echter weer goed. Een mooie film zorgt ervoor dat de PSA stijging al snel niet zo dramatisch meer is en ontmoetingen met vrienden die we maar eens per jaar ontmoeten geeft weer een andere kijk op een ongunstige scan.
Dit jaar moet het festival iets eerder verlaten worden omdat ik de scan moet ondergaan die nog al beslissend is over wat er gebeuren moet nu de prostaatkanker resistent is geworden tegen de medicijnen die ik al bijna 10 jaar slik. Ik heb even op die scan moeten wachten. Er moeten namelijk genoeg heren van mijn leeftijd met een kwaadaardig proces in het meest nutteloze orgaan in het mannelijk lichaam zijn voor men de moeite neemt de radioactieve vloeistof te bereiden die nodig is om de schade in mijn lichaam in kaart te brengen. Het zou anders te duur worden. In de Verenigde Staten of Zwitserland kan zoŽn onderzoek binnen een dag. In ons land duurt het drie weken voor het zo ver is. "Waarom laten ze mensen met kanker zo lang in de stress zitten?" vroeg iemand me.
"Het wordt anders te duur," legde ik uit. "Mannen van mijn leeftijd zijn niet zo nuttig meer en ach, wij zijn kerels en kunnen tegen een beetje stress. Dat is ons tenminste wijs gemaakt."
Omdat de kroonprins dit jaar ook het filmfestival bezoekt en Marion aan hem wordt voorgesteld moet ik over een aantal zaken nadenken die heel wat belangrijker zijn dan scanuitslagen en uitzaaiingen. Bijvoorbeeld over de kledingkeuze. De kledingeis is bij filmpremières meestal Žblack tieŽ. Mijn hele leven ben ik weggekomen met een donkerblauw pak met daaronder een wit overhemd. Heel soms word ik tegengehouden met de vraag waar mijn vlinderstrik is, maar dan blijkt de man die bij de ingang controleert met enige tegenzin me er wel een te leen geeft.
Verder denk ik diep na over de vraag of ik mijn lintje op zal doen. Ik ben tenslotte net als Marion Officier van Oranje Nassau. In dankbaarheid heb ik de onderscheiding ontvangen, maar je gaat er natuurlijk niet mee te koop lopen. Wij Nederlanders zijn bescheiden van aard. Daarom heb ik dat lintje nog nooit uit het doosje gehaald. Zoiets doe je niet op. Nu is er echter een gelegenheid om het op te doen. Kijk eens blonde prins, wij zijn officieren van uw orde. Ik stel me zo voor dat Willem Alexander en zijn moeder hoofd van die orde zijn en willen weten of hun officieren wel steeds paraat staan voor het geval de dijken doorbreken. Zeker in Zeeland kun je daar maar niet zo vanuit gaan. Ik doe het echter alleen als Marion het ook doet, maar die piekert nog over de juiste jurk en zal er niet over peinzen er zoŽn lintje op te doen als het niet mooi staat. "Op een randje?" vraag ik. "Of anders doe je een ooglapje om in de kleur van je jurk en doet het lintje er midden op."
"Jij mag nu eindelijk wel eens een smoking kopen," zegt ze. "Je hebt hem zo vaak nodig. Het is idioot dat je er nog nooit een hebt aangeschaft."
Toen ik mijn zoon belde om te vragen of ik zijn smoking zou kunnen lenen, zei hij dat de broekspijpen te kort zullen zijn en dat dat er niet uitziet. Hij adviseerde me naar een bedrijf te gaan dat aan de snelweg gevestigd is waar je als je op weg bent naar een officiële gelegenheid even snel een smoking voor weinig geld kunt kopen.
Twee dagen geleden ging ik met Marion een smoking kopen. Ze parkeerde haar auto terwijl ik naar binnen ging. Toen wij de winkel inkwam had ik het pak al aangetrokken. Ze keek sceptisch naar me. "Is dat wel een smoking?" vroeg ze. "Ja," zei ik.
"Wat weet jij er nou van af? Je hebt er nog nooit een gehad."
De winkelhulp zei ook dat het echt een smoking was, maar dat overtuigde haar niet. Ze is een ervaren kledingconsument en weet dat die mensen altijd zeggen dat iets leuk staat, dat het anderen niet staat en dat dit voor je gemaakt lijkt te zijn.
Marion keek opnieuw heel kritisch naar me en ik las in haar ogen dat ze dacht "mijn Ivan wordt er niet eens een leukere man door". Het verwarmde me zo dat ik onmiddellijk besliste. "Pak het maar in." Wel kon ik niet nalaten te denken dat het wel fijn is als ik de smoking, met daarop het lintje, nog meer dan een enkele keer kan dragen. Laat in hemelsnaam de scan er zo uitzien dat ik die smoking verslijt.




Terug