| Week 02-2013 Mijn vriend Abel, die ik vanaf mijn zesde ken belde me op om te vertellen dat hij geopereerd was omdat bij hem prostaatkanker was vastgesteld. Hij werd die week toevallig 65 jaar, net als mijn zwager die volgende week die leeftijd bereikt. Zelf behoor ik ook tot de generatie die in 2013 de 65-jarige leeftijd bereikt. Duizend keer kan ik mezelf vertellen dat ik me zo niet voel, maar op mijn bureau ligt een formulier dat ik in moet vullen om mijn AOW aan te vragen. Er is geen ontkomen aan. 65? De wereld heeft je niet meer nodig, ook al roept men dat je expertise niet gemist kan worden. Omdat ik geen werkgever heb ga ik elke avond als ik mijn pen wegleg met pensioen en ´s morgens als ik achter mijn computer ga zitten is het scherm weer leeg en moet ik een nieuw stukje schrijven om mijn geld te verdienen. Soms duurt een project wat langer dan een dag en ben ik er een paar maanden mee bezig, maar dan is het nieuwe boek er en daarna moet ik mezelf opnieuw uitvinden. Deze week verscheen mijn nieuwe boek 'Het gezonde lifestyle boek', maar vandaag moet ik al weer nadenken over nieuwe plannen, nieuwe voorstellen, nieuwe onderzoeken. Mijn werkzaam bestaan is afhankelijk van de grillige wind van de welwillendheid van de lezer. Soms willen mensen mijn pennenvrucht lezen, soms is er geen belangstelling voor. Het dichtst bij het AOW-gevoel kwam ik twee jaar geleden toen iemand van het dagblad Trouw informeerde of ik een wekelijkse column voor de krant wilde schrijven. Na een maand werd ik opnieuw opgebeld en zei men dat de krant toch maar gekozen had voor een jonger gezicht, een fris geluid. Ook dat is een pensioen zonder dat ik ooit bij die krant had gewerkt. Abel ken ik kennen elkaar sinds de eerste klas van de lager school. Dagelijks liepen we via het Vreeland waar we zelf woonden door de Dollardstraat naar de Finse school, zo genoemd omdat het een noodschool was gemaakt van Fins hout. Een dag nadat hij me gebeld had zat ik bij hem thuis om hem duidelijk te maken dat hij nog steeds mijn vriend is ook al is hij 65 jaar en is hij zijn prostaat kwijt. Ik had mijn boek Reisgezel voor hem meegebracht en hij vroeg me er iets in te schrijven. "Voor Abel en …" Ineens kon ik me de naam van zijn vrouw niet herinneren. Al veertig jaar ken ik haar, maar op geen enkele manier schoot het me te binnen. Ik was verbijsterd en dacht aan mijn moeder die op haar 92ste de namen van haar achterkleinkinderen niet meer onthoudt en er telkens opnieuw naar vraagt. Maar ik? Ik onthoud altijd alles. OK, op mijn manier. Er zijn andere versies van wat er gebeurd is mogelijk. Maar een naam van iemand die ik zo goed ken. Ik zat verstijfd en dacht wanhopig na. Ik kon toch niet vragen "Abel, hoe heet je vrouw ook al weer?" Het inzicht dat je niet kunt schrijven als je niets meer weet leidde tot een nog grotere paniek die mijn hersenen volledig blokkeerde. Aan mijn lief vertelde ik het niet, want die maakt zich de laatste tijd toch al zorgen over mijn geheugen. Het maakt me ontoerekeningsvatbaar. Wat ik zeg maakt dan niets meer uit. In de bijsluiter van mijn medicijn heb ik niets gevonden dat erop wijst dat het mijn geheugen aantast. Ik zou het daar dolgraag aan wijten. Misschien had het iets met stress te maken want ik had nog niet besloten of ik mijn PSA zou laten controleren om te zien of de behandeling wel aanslaat. De nieuwe buikprik was aan de beurt en dat betekent dat ik al weer drie maanden de nieuwe behandeling volg die de uitzaaiingen het zwijgen op moet leggen. Uiteindelijk besloot ik het PSA-onderzoek maar over te slaan. Ook al zou de PSA niet omlaag zijn gegaan, ik moet dan toch nog drie maanden ermee doorgaan. Toen de verpleegkundige de naald ik mijn buik stak kwam de gedachte bij me op dat ze daarmee gosereline inspoot en vervolgens mijn geheugen eruit zoog. En daarmee de woorden en gevoelens die ik heb om mijn verhalen mee op te bouwen. Mensen vragen me vaak of ik bang ben voor de dood. Nee, dat ben ik niet. Ik ben wel bang voor het verdwijnen van alles wat ik weet en gevoeld heb, voor de troosteloze leegheid door de afwezigheid van de woorden die horen bij de wereld waarin ik leef. Terug |